Home

Hoge Raad, 24-10-2014, ECLI:NL:HR:2014:3020, 14/01238

Hoge Raad, 24-10-2014, ECLI:NL:HR:2014:3020, 14/01238

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
24 oktober 2014
Datum publicatie
24 oktober 2014
ECLI
ECLI:NL:HR:2014:3020
Zaaknummer
14/01238

Inhoudsindicatie

HR: art. 81.1 RO.

Uitspraak

24 oktober 2014

nr. 14/01238

Arrest

gewezen op het beroep in cassatie van [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch van 31 januari 2014, nr. 13/00499, op het hoger beroep van belanghebbende en het incidentele hoger beroep van de Inspecteur tegen een uitspraak van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant (nr. AWB 12/4808) betreffende de aan belanghebbende voor het jaar 2009 opgelegde aanslag in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen.

1 Geding in cassatie

Belanghebbende heeft tegen ’s Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld en daarbij twee klachten aangevoerd.

De Staatssecretaris van Financiën heeft een verweerschrift ingediend.

2 Beoordeling van de klachten

De klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie, geen nadere motivering, nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.

3 Proceskosten

De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.

4 Beslissing