Home

Aansluiting verblijfkostenvergoedingen cao Rijk

Aansluiting verblijfkostenvergoedingen cao Rijk

Gegevens

Kenmerk
KG:204:2026:4
Publicatiedatum
5 februari 2026
Bron
Kennisgroepen Standpunten
Status
Geldig

Aanleiding

Werknemers van de Staat der Nederlanden die vallen onder de cao Rijk (hierna: ambtenaren) en die op dienstreis zijn, hebben onder voorwaarden recht op verblijfkostenvergoedingen. Deze vergoedingen zijn tot bepaalde bedragen gericht vrijgesteld. Een werkgever die niet gebonden is aan de cao Rijk kan deze vergoedingen onder dezelfde voorwaarden met dezelfde fiscale gevolgen toekennen aan zijn werknemers, “mits deze werknemers vanuit kostenoogpunt in gelijke omstandigheden verkeren als ambtenaren op dienstreis”. Zie paragraaf 3.3.1 van het besluit van de Staatssecretaris van Financiën van 21 juni 2022, Stcrt. 2022, 18970 (hierna: het Besluit), paragraaf 22.1.1 van het Handboek Loonheffingen 2025, uitgave oktober (hierna: het Handboek) en KG:204:2024:10.

Vragen

  1. Is een werkgever om in aanmerking te komen voor dezelfde fiscale gevolgen verplicht om dezelfde vergoedingen te betalen aan zijn werknemers zoals voorgeschreven in de cao Rijk?

  2. Wanneer verkeert een werknemer vanuit kostenoogpunt in gelijke omstandigheden als een ambtenaar op dienstreis?

  3. Is een werknemer verplicht om tijdens een dienstreis daadwerkelijk kosten te maken om in aanmerking te komen voor dezelfde fiscale gevolgen als die gelden voor de cao Rijk?

Antwoorden

  1. Nee.

  2. Dit is afhankelijk van de feiten en omstandigheden en staat ter beoordeling van de inspecteur.

  3. Ja.

Beschouwing

Totstandkoming Besluit

De inspecteur van de Rijksoverheid heeft goedgekeurd dat (vaste) verblijfkostenvergoedingen op grond van de cao Rijk geheel of gedeeltelijk gericht vrijgesteld zijn, omdat de Rijksoverheid aannemelijk heeft gemaakt dat aan dit deel van de vergoedingen werkelijke kosten ten grondslag liggen. De Rijksoverheid heeft hiervoor onderzoek gedaan bij ambtenaren die werkzaam zijn voor een ministerie en die regelmatig op dienstreis gaan (zij maken hierbij vaak gebruik van het openbaar vervoer). Zij verrichten voornamelijk kantoorwerkzaamheden en maken veelal gebruik van horeca in de buurt van kantoren en treinstations.

Zie voor de gericht vrijgestelde bedragen paragraaf 22.1.1 van het Handboek. De verblijfkostenvergoedingen waren tot 1 juli 2014 geheel gericht vrijgesteld en tot en met 2011 geheel onbelast als ‘vrije vergoeding’ onder het oude regime.

De mogelijkheid tot aansluiting bij de fiscale gevolgen conform de cao Rijk, zoals vastgelegd in het Besluit, vindt haar grondslag in het besluit van de Staatssecretaris van Financiën van 21 december 2001 (nr. CPP2001/1450M). Hierin was een vraag opgenomen over een lunchkostenvergoeding. Een werkgever was van mening dat hij op grond van het gelijkheidsbeginsel kon aansluiten bij de vergoedingsbedragen van het “Reisbesluit binnenland” (zonder daar zelf een kostenonderzoek voor uit te hoeven voeren). De werkelijk gemaakte lunchkosten waren ruimschoots lager dan de vergoeding op basis van het Reisbesluit. Naar aanleiding van deze casus is onder andere de vraag gesteld, wanneer aangesloten kan worden bij de lunchkostenvergoedingen van het Reisbesluit binnenland.

(…) “Ad 3

Een werkgever kan in het algemeen wat betreft de hoogte van verblijfkostenvergoedingen aansluiten bij de normen van het Reisbesluit binnenland. Dit is slechts anders indien de desbetreffende werknemers, zoals in het hiervoor opgenomen geval, vanuit kostenoogpunt duidelijk niet in gelijke omstandigheden verkeren als ambtenaren op dienstreis.” (…)

Met de samenvoeging van meerdere besluiten op het gebied van de loonheffingen in 2005 is met het besluit van 7 december 2005 (nr. CPP2005/2637M) het eerste besluit ‘Loonheffingen’ tot stand gekomen. In alle opvolgende besluiten zijn nagenoeg dezelfde bewoordingen gebruikt voor de mogelijkheid om de vergoedingsregeling voor ambtenaren op dienstreis ook voor andere werknemers te mogen toepassen.

Ad 1: Is de werkgever verplicht dezelfde vergoedingen te betalen?

Ad 2: Wanneer verkeert een werknemer vanuit kostenoogpunt in gelijke omstandigheden als een ambtenaar op dienstreis?

Ad 3: Is de werknemer verplicht om daadwerkelijk kosten te maken tijdens de dienstreis?

Bijlage