Herberekeningsmethode bij nabetalingen
Herberekeningsmethode bij nabetalingen
Gegevens
- Kenmerk
- KG:204:2026:7
- Publicatiedatum
- 14 april 2026
- Bron
- Kennisgroepen Standpunten
- Status
- Geldig
Aanleiding
Een werknemer heeft recht op een regulier (vast) salaris van € 5.000 bruto per maand. Over de periode oktober 2024 tot en met maart 2026 (achttien maanden) heeft de werkgever € 100 per maand te weinig salaris uitbetaald en is gehouden in april 2026 een nabetaling te doen van in totaal € 1.800 over deze periode (€ 100 bruto per maand). De werkgever betaalt de nabetaling tegelijk uit met het reguliere salaris van de werknemer over april 2026. Hierdoor bedraagt het totale loon in die maand € 6.800. De werknemer heeft de werkgever verzocht om de loonheffingskorting toe te passen.
Vraag
Kan de werkgever de herberekeningsmethode toepassen om de in te houden loonbelasting en premie volksverzekeringen (hierna: loonheffing) te berekenen over de nabetaling, en zo ja, hoe past hij deze methode toe?
Antwoord
Ja. Als de werkgever kiest voor de herberekeningsmethode gaat hij voor de toepassing daarvan uit van een loontijdvak van een jaar. Bij de berekening gebruikt hij daarom de tarieftabel en houdt hij rekening met de loonheffingskorting.
Beschouwing
1 Wet- en regelgeving
Op grond van de delegatiebevoegdheid van artikel 33, tweede lid, onderdeel a, van de Wet op de loonbelasting 1964 (hierna: Wet LB 1964) is artikel 9.5 van de Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011 (hierna: URLB 2011) ingevoerd. Het betreft een zogenoemde samenvoegbepaling. Samenvoegbepalingen (zoals opgenomen in hoofdstuk 9 URLB 2011) zijn aanvullende regels voor de heffing van belasting ingeval loon van meerdere inhoudingsplichtigen of mede loon van een derde of meerdere beloningen in een tijdvak worden genoten. De strekking van deze bepalingen is (in het algemeen) de inhouding van loonheffing zo goed mogelijk aan te laten sluiten op de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen en daardoor zoveel mogelijk te voorkomen dat de belastingplichtige op aanslag inkomstenbelasting (grote) bedragen moet bijbetalen als gevolg van het tegelijkertijd genieten van verschillende beloningen/uitkeringen.
Als artikel 9.5, eerste lid, URLB 2011 van toepassing is, heeft de inhoudingsplichtige in beginsel de keuze uit twee methoden om de in te houden loonheffing te berekenen: toepassing van de tabel voor bijzondere beloningen of toepassing van de zogenoemde herberekeningsmethode (artikel 9.5, tweede lid, URLB 2011).
Ter info
Een inhoudingsplichtige mag op verzoek van de werknemer meer loonheffing inhouden dan wettelijk verplicht is. Dit vloeit voort uit de wetssystematiek. Het gaat om een vrijwillige, extra inhouding om te voorkomen dat een belastingplichtige bij de definitieve aanslag inkomstenbelasting een aanzienlijk bedrag moet bij betalen. Zie paragraaf 9.3.10 van het Handboek Loonheffingen 2026, uitgave maart (hierna: het Handboek).