Home

Organisatie- en mandaatbesluit BZK-BES 2012

Geldig vanaf 4 juli 2012
Geldig vanaf 4 juli 2012

Organisatie- en mandaatbesluit BZK-BES 2012

Opschrift

[Tekst geldig vanaf 26-07-2012]

Aanhef

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

Handelende in overeenstemming met de Minister van Veiligheid en Justitie;

Gelet op artikel 4 van de Ambtenarenwet BES, de artikelen 21, eerste lid, en 33, eerste lid, van de Veiligheidswet BES, het Organisatiebesluit BZK 2010 en het Mandaatbesluit BZK 2009;

Besluit:

Paragraaf 1. Begripsbepalingen

Artikel 1

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

  1. de Minister: de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;

  2. directeur-generaal: de directeur-generaal Bestuur en Koninkrijksrelaties;

  3. gemandateerd korpsbeheerder: de secretaris-generaal van het Ministerie van Veiligheid en Justitie aan wie de bevoegdheden van de Minister van Veiligheid en Justitie als korpsbeheerder van het korps politie Bonaire, Sint Eustatius en Saba en van het brandweerkorps Bonaire, Sint Eustatius en Saba zijn gemandateerd;

  4. directeur-generaal Politie: de directeur-generaal Politie van het Ministerie van Veiligheid en Justitie;

  5. bevoegdheden van het bevoegd gezag: de bevoegdheden die bij of krachtens de Ambtenarenwet BES en de artikelen 21 en 33 van de Veiligheidswet BES aan het bevoegd gezag toekomen, voor wat betreft de ambtenaren in dienst van de Staat;

  6. politiekorps: korps politie Bonaire, Sint Eustatius en Saba;

  7. brandweerkorps: het brandweerkorps Bonaire, Sint Eustatius en Saba.

Artikel 2

Voor de toepassing van dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt met de verlening van mandaat gelijk gesteld de verlening van machtiging om in naam van de Minister handelingen te verrichten die noch een besluit noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn.

Paragraaf 2. Organisatie

Artikel 3

Paragraaf 3. Bevoegdheden directeur-generaal Bestuur en Koninkrijksrelaties

Artikel 4

Paragraaf 4. Bevoegdheden gemandateerd korpsbeheerder

Artikel 5

Artikel 6

Artikel 7

Paragraaf 5. Overige bepalingen

Artikel 8

Artikel 9

Artikel 10

Artikel 11