Home

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 06-10-2020, ECLI:NL:GHARL:2020:8017, 19/01388

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 06-10-2020, ECLI:NL:GHARL:2020:8017, 19/01388

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Datum uitspraak
6 oktober 2020
Datum publicatie
16 oktober 2020
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2020:8017
Formele relaties
Zaaknummer
19/01388

Inhoudsindicatie

IB/PVV. Navordering in verband met vrijval fiscale oudedagsreserve bij staking onderneming. Toepassing foutenleer.

Uitspraak

Locatie Arnhem

nummer 19/01388

uitspraakdatum: 6 oktober 2020

Uitspraak van de tweede meervoudige belastingkamer

op het hoger beroep van

[X] te [Z] (hierna: belanghebbende)

tegen de uitspraak van rechtbank Gelderland van 11 september 2019, nummer AWB 19/554, in het geding tussen belanghebbende en

de inspecteur van de Belastingdienst/ kantoor Doetinchem (hierna: de Inspecteur)

1 Ontstaan en loop van het geding

1.1

Aan belanghebbende is over het jaar 2014 een navorderingsaanslag in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen (hierna: IB/PVV) opgelegd. Daarbij is voorts belastingrente in rekening gebracht.

1.2

Na daartegen gemaakte bezwaren heeft de Inspecteur bij in één geschrift vervatte uitspraken op bezwaar de navorderingsaanslag en de beschikking belastingrente gehandhaafd.

1.3

Belanghebbende is tegen die uitspraken in beroep gekomen bij de rechtbank Gelderland (hierna: de Rechtbank). De Rechtbank heeft het beroep ongegrond verklaard.

1.4

Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van de Rechtbank hoger beroep ingesteld.

1.5

Het onderzoek ter zitting heeft via beeldbellen plaatsgevonden op 22 september 2020. Van het verhandelde ter zitting is een proces-verbaal opgemaakt, dat aan deze uitspraak is gehecht.

2 De vaststaande feiten

2.1

Belanghebbende dreef een landbouwonderneming.

2.2

In de aangifte IB/PVV 2001 is een fiscale oudedagsreserve (hierna: FOR) van € 14.440 vermeld. De FOR is in de jaren vóór 2001 opgebouwd.

2.3

Belanghebbende heeft de FOR vanaf 2002 niet meer in zijn aangiften IB/PVV vermeld.

2.4

Vanaf 2003 was sprake van een negatief ondernemingsvermogen.

2.5

Belanghebbende heeft eveneens vanaf 2003 de zelfstandigenaftrek niet meer geclaimd.

2.6

Belanghebbende heeft zijn onderneming in 2014 gestaakt. In de aangifte IB/PVV 2014 is de FOR ook niet vermeld.

2.7

De Inspecteur heeft de FOR tot de winst gerekend en een navorderingsaanslag opgelegd.

2.8

Belanghebbende heeft vergeefs bezwaar en beroep aangetekend. Kort gezegd, heeft de Rechtbank geoordeeld dat de foutenleer kan worden toegepast.

3 Het geschil

In hoger beroep is – evenals voor de Rechtbank – in geschil of de navorderingsaanslag terecht is opgelegd. Meer specifiek is in geschil of de foutenleer mag worden toegepast. Belanghebbende beantwoordt deze vragen ontkennend en de Inspecteur bevestigend. Niet in geschil is dat de FOR niet eerder is vrijgevallen en belast is geweest.

4 Beoordeling van het geschil

5 Griffierecht en proceskosten

6 Beslissing