Home

Gerechtshof Den Haag, 03-03-2026, ECLI:NL:GHDHA:2026:338, BK-25/542

Gerechtshof Den Haag, 03-03-2026, ECLI:NL:GHDHA:2026:338, BK-25/542

Gegevens

Instantie
Gerechtshof Den Haag
Datum uitspraak
3 maart 2026
Datum publicatie
10 maart 2026
ECLI
ECLI:NL:GHDHA:2026:338
Formele relaties
Zaaknummer
BK-25/542
Relevante informatie
Art. 14 WBRV, Art. 4 AWR, AWR, Art. 14 WBRV, Art. 3.111 Wet IB 2001, Wet differentiatie overdrachtsbelasting [Tekst geldig vanaf 01-01-2021]

Inhoudsindicatie

Art. 14 Wbr. Belanghebbende maakt niet aannemelijk dat zij ter zake van de verkrijging van een vakantiewoning / recreatiewoning aan het hoofdverblijfcriterium voldoet. Het verlaagde overdrachtsbelastingtarief is niet van toepassing. Hoger beroep ongegrond.

Uitspraak

Team Belastingrecht

meervoudige kamer

nummer BK-25/542

in het geding tussen:

(gemachtigde: N. Swaneveld)

en

(vertegenwoordiger: […] )

op het hoger beroep van belanghebbende tegen de uitspraak van de Rechtbank Den Haag (de Rechtbank) van 5 juni 2025, nummer SGR 24/9654.

Procesverloop

1.1.

Belanghebbende heeft op aangifte overdrachtsbelasting voldaan.

1.2.

Bij uitspraak op bezwaar heeft de Inspecteur het bezwaar tegen de voldoening op aangifte afgewezen.

1.3.

Belanghebbende heeft tegen de uitspraak op bezwaar beroep bij de Rechtbank ingesteld. Ter zake daarvan is een griffierecht van € 51 geheven. De Rechtbank heeft het beroep ongegrond verklaard.

1.4.

Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van de Rechtbank hoger beroep ingesteld bij het Hof. Ter zake daarvan is een griffierecht van € 143 geheven. De Inspecteur heeft een verweerschrift ingediend.

1.5.

De mondelinge behandeling van de zaak heeft plaatsgehad ter zitting van het Hof van 12 maart 2026. Van het verhandelde ter zitting is een proces-verbaal opgemaakt.

1.6.

Na de sluiting van het onderzoek ter zitting heeft belanghebbende nog een stuk ingezonden. Het Hof heeft, gelet op de inhoud van dat stuk, geen aanleiding gezien het onderzoek te heropenen.

Feiten

2.1.

Belanghebbende huurt vanaf 1 november 2022 een kamer in een woning aan de [adres 1] te [woonplaats 1] (de gehuurde woonruimte).

2.2.

Belanghebbende heeft voor een koopsom van € 100.000 een woning gekocht aan de [adres 2] te [woonplaats 2] (de woning). In de leveringsakte van 26 januari 2024 staat onder meer:

“OMSCHRIJVING REGISTERGOED

het recht van eigendom met betrekking tot de recreatie woning en verder toebehoren gelegen te [postcode] [woonplaats 2] , [gemeente 2] , [adres 2] , kadastraal bekend [gemeente 1] , sectie […] , nummer […] ter grootte van vier are en zevenenveertig centiare (4 a 47 ca), hierna aangeduid met: "het Verkochte".

(…)

OVERDRACHTSBELASTING

Wegens de levering van het verkochte is overdrachtsbelasting verschuldigd. De overdrachtsbelasting komt voor rekening van koper. De overdrachtsbelasting is verschuldigd over de koopprijs, aangezien deze ten minste gelijk is aan de waarde van het verkochte.

VERKLARING OVERDRACHTSBELASTING

Koper heeft verklaard dat terzake de hiervoor omschreven verkrijging aan overdrachtsbelasting is verschuldigd: tien vier/tiende procent (10,4%) over honderdduizend euro (€ 100.000,00), zijnde tienduizend vierhonderd euro (€ 10.400,00).

(…)

BIJZONDERE LASTEN EN BEPERKINGEN

(…)

III. Overige kwalitatieve verplichtingen:

- Recreatief gebruik

Omtrent het gebruik en de gebruiker van de recreatiewoning - niet de eigenaar zelf zijnde - is tussen partijen uitdrukkelijk overeengekomen dat dit slechts een recreatief gebruik casu quo een recreatieve gebruiker mag en kan zijn, die het recreatieve gebruik heeft verkregen middels het afsluiten van een huurovereenkomst met een (externe) verhuur-/boekings- /exploitatie- organisatie. Het gebruik is derhalve slechts in de recreatieve sfeer toegestaan; ook het toegestane gebruik door de eigenaar wordt geacht plaats te vinden in de recreatieve sfeer en dient als zodanig ook te worden uitgeoefend.

- Permanente bewoning is niet toegestaan.

(…)

- Exploitatie van de recreatiewoning met aanbehoren:

De exploitatie valt uiteen in twee delen, te weten:

a. de uitbating van de recreatiewoning met aanbehoren;

b. het beheer van de recreatiewoning met aanbehoren.

Terzake van deze uitbating casu quo exploitatie heeft de koper met de na te noemen coöperatie een exploitatieovereenkomst gesloten, tegelijk met het sluiten van het koopcontract.

(…)

“D. VERKLARINGEN VAN KOPER.

Koper verklaarde:

(…)

2. zich te hebben verbonden het verkochte uitsluitend te gaan of te doen gebruiken voor de bouw en instandhouding van een recreatiewoning, dus slechts "tweede bewoning";”

2.3.

Belanghebbende heeft op 26 januari 2024 een “Verklaring Overdrachtsbelasting Laag tarief” ondertekend. Hierin is door belanghebbende verklaard dat zij de woning na de verkrijging anders dan tijdelijk als hoofdverblijf gaat gebruiken.

2.4.

Namens belanghebbende is op 21 februari 2024 ter zake van de verkrijging van de woning € 10.400 (10,4%) aan overdrachtsbelasting voldaan.

2.5.

Belanghebbende staat in de basisregistratie personen (BRP) ingeschreven op het adres van de gehuurde woonruimte. Inschrijving op het adres van de woning is niet mogelijk.

Oordeel van de Rechtbank

Geschil in hoger beroep en conclusies van partijen

Beoordeling van het hoger beroep

“Vraag 38

Antwoord

Proceskosten

Beslissing