Home

Hoge Raad, 18-01-2019, ECLI:NL:HR:2019:68, 18/01677

Hoge Raad, 18-01-2019, ECLI:NL:HR:2019:68, 18/01677

Gegevens

Instantie
Hoge Raad
Datum uitspraak
18 januari 2019
Datum publicatie
18 januari 2019
ECLI
ECLI:NL:HR:2019:68
Formele relaties
Zaaknummer
18/01677

Inhoudsindicatie

HR verklaart het beroep in cassatie n-o met toepassing van art. 80a RO.

Uitspraak

18 januari 2019

Nr. 18/01677

Arrest

gewezen op het beroep in cassatie van [X] te [Z] (hierna: belanghebbende) tegen de uitspraak van het Gerechtshof Den Haag van 16 maart 2018, nr. BK-17/00374, betreffende de beschikking op grond van de Wet waardering onroerende zaken en de aanslag in de onroerendezaakbelastingen voor het jaar 2016 betreffende de onroerende zaak [a-straat 1] te [Z].

1 Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie

De Hoge Raad is van oordeel dat de aangevoerde klachten geen behandeling in cassatie rechtvaardigen omdat de partij die het cassatieberoep heeft ingesteld klaarblijkelijk onvoldoende belang heeft bij het cassatieberoep dan wel omdat de klachten klaarblijkelijk niet tot cassatie kunnen leiden.

De Hoge Raad zal daarom – gezien artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie en gehoord de Procureur-Generaal – het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaren.

Belanghebbende heeft daarenboven een verzoek om wraking ingediend.

Bij beslissing van 11 januari 2019, nr. 18/04597, ECLI:NL:HR:2019:11, is het verzoek tot wraking afgewezen.

2 Beslissing

De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie niet‑ontvankelijk.

Dit arrest is gewezen door de vice-president G. de Groot als voorzitter, en de raadsheren J. Wortel en P.A.G.M. Cools, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier F. Treuren, en in het openbaar uitgesproken op 18 januari 2019.