Home

Parket bij de Hoge Raad, 14-02-2014, ECLI:NL:PHR:2014:86, 13/00975

Parket bij de Hoge Raad, 14-02-2014, ECLI:NL:PHR:2014:86, 13/00975

Gegevens

Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Datum uitspraak
14 februari 2014
Datum publicatie
7 maart 2014
ECLI
ECLI:NL:PHR:2014:86
Formele relaties
Zaaknummer
13/00975

Inhoudsindicatie

Belanghebbende heeft negen aangiften gedaan voor het in het vrije verkeer brengen van een multifunctioneel apparaat, [A] (hierna: [A] of het apparaat). Het apparaat bestaat uit een kastje waarin een vijftal luidsprekers zijn geplaatst die elk zijn voorzien van een afzonderlijke digitale versterker. Zodra het apparaat is aangesloten op het internet, kunnen muziekbestanden van online muziekaanbieders worden afgespeeld en kan ook internetradio worden beluisterd. Daarnaast is het mogelijk om muziekbestanden vanaf externe apparaten op het apparaat af te spelen. Twee of meer [A]s kunnen onderling draadloos digitale gegevens uitwisselen, en zo tezamen een draadloos datanetwerk vormen: het B-netwerk. Het B-netwerk functioneert geheel onafhankelijk van een eventueel reeds aanwezig draadloos WiFi-netwerk, omdat een afwijkende coderingssleutel wordt gebruikt. A maakt gebruik van de AES encrypt peer-to-peer draadloze MESH-technologie, waarbij automatisch coderingssleutels en SSID’s (netwerknaam) worden gegenereerd.

In deze procedure staat de vraag centraal of [A] moet worden ingedeeld als een toestel voor het weergeven van geluid (tariefpostonderverdeling 8519 89 19 van de Gecombineerde Nomenclatuur (hierna: GN)) of als een apparaat waarmee digitale gegevens worden ontvangen, omgezet en gezonden in een netwerk (tariefpostonderverdeling 8517 62 00 van de GN).

Rechtbank Haarlem en Hof Amsterdam (hierna: het Hof) zijn van oordeel dat het apparaat onder tariefpostonderverdeling 8519 89 19 van de GN moet worden ingedeeld.

A-G Van Hilten bespreekt in deze conclusie eerst de in deze procedure relevante indelingsregels, afdeling, hoofdstuk en tariefpost(onderverdeling)en van het Geharmoniseerd Systeem (GS) c.q. de GN. De daarbij behorende aantekeningen en toelichtingen komen eveneens aan de orde.

Met betrekking tot tariefpost 8517 van de GN leidt de A-G uit de tekst, historie en toelichtingen op deze post af, dat apparaten die onder deze tariefpost - meer specifiek onderverdeling 62 - worden ingedeeld, toestellen zijn waarin gegevens binnenkomen, worden omgezet en (door)gezonden; anders gezegd, toestellen waarmee kan worden (wordt) gecommuniceerd (c.q. die onderling communiceren).

Ten aanzien van de apparaten die onder tariefpost 8519 van de GN worden ingedeeld, komt de A-G tot de slotsom dat dit primair apparaten zijn waarmee geluid (zoals muziek) kan worden (wordt) beluisterd.

Vervolgens gaat de A-G in op de indeling van [A]. Uit vaste jurisprudentie van het Hof van Justitie (hierna: HvJ) leidt de A-G af dat voor de indeling van het apparaat moet worden bezien of de objectieve kenmerken en eigenschappen van het apparaat de eigenschappen zijn van een toestel voor het ontvangen, omzetten en zenden of regenereren van spraak of van andere gegevens als bedoeld in tariefpost 8517 62, dan wel of het apparaat de objectieve eigenschappen heeft van een toestel voor het weergeven van geluid, een en ander als bedoeld in tariefpost 8519 89 van de GN.

De A-G komt tot de conclusie dat [A] in beginsel vatbaar is voor indeling onder elk van de in geding zijnde tariefpost(onderverdeling)en. Het apparaat heeft volgens de A-G de objectieve kenmerken en eigenschappen van een goed van elk van beide posten.

Aangezien het apparaat objectieve kenmerken en eigenschappen heeft van (goederen van) beide tariefposten, dient vervolgens met toepassing van aantekening 3 op afdeling XVI te worden beoordeeld wat de hoofdfunctie van [A] is. Op grond van jurisprudentie van het HvJ dient bij het bepalen van de hoofd- en nevenfunctie in de zin van aantekening 3 op afdeling XVI rekening te worden gehouden met wat voor de consument hoofd- en bijzaak is.

Het komt de A-G voor dat het Hof niet van een onjuiste rechtsopvatting is uitgegaan door bij de bepaling van de hoofdfunctie van [A] mede de informatie die op de website van belanghebbende voor (potentiële) kopers/consumenten in aanmerking te nemen. Zij acht het niet onbegrijpelijk, noch onvoldoende gemotiveerd - en overigens verweven met vaststellingen van feitelijke aard -, dat het Hof mede uit die informatie heeft afgeleid dat [A] primair bedoeld is om geluid (muziek) weer te geven en dat derhalve de hoofdfunctie van het apparaat de functie als bedoeld in tariefpost 8519 van de GN is en de netwerkfunctie secundair is.

De A-G is van mening dat de cassatiemiddelen falen. Het beroep in cassatie treft derhalve geen doel.

A-G van Hilten adviseert het beroep in cassatie van belanghebbende ongegrond te verklaren.

Conclusie

mr. M.E. van Hilten

Advocaat-Generaal

Conclusie van 14 februari 2014 inzake:

HR nr. 13/00975

[X] B.V.

Hof nrs. 11/00696, 11/00697 en 11/00698

Rb nrs. AWB 10/2746, 10/2747 en 10/2659

Derde Kamer A

tegen

Douanerechten

7 december 2009 - 4 januari 2010

staatssecretaris van Financiën

1 Inleiding

1.1

In deze procedure gaat het om de indeling van een multifunctioneel apparaat, [A]. De vraag is of het apparaat moet worden ingedeeld als een toestel voor het weergeven van geluid (tariefpostonderverdeling 8519 89 19 van de Gecombineerde Nomenclatuur (hierna: GN)) of als een apparaat waarmee digitale gegevens worden ontvangen, omgezet en gezonden in een netwerk (tariefpostonderverdeling 8517 62 00 van de GN).

1.2

Rechtbank Haarlem (hierna: de Rechtbank) was van oordeel dat het apparaat overeenkomstig zijn functie onder tariefpostonderverdeling 8519 89 19 van de GN moet worden ingedeeld. Hof Amsterdam (hierna: het Hof) oordeelde eveneens dat het apparaat onder tariefpostonderverdeling 8519 89 19 van de GN moet worden ingedeeld.

1.3

In deze conclusie komen de voor deze zaak relevante tariefposten alsmede de daarbij behorende aantekeningen en toelichtingen aan de orde. Ik kom tot de conclusie dat het Hof bij de beoordeling is uitgegaan van een juiste rechtsopvatting. Het oordeel van het Hof acht ik niet onbegrijpelijk noch onvoldoende gemotiveerd.

1.4

Ik concludeer tot het ongegrond verklaren van het beroep in cassatie.

2 Feiten en procesverloop

2.1

Belanghebbende heeft in de periode van 7 december 2009 tot en met 4 januari 2010 negen aangiften gedaan voor het in het vrije verkeer brengen van een product dat op de bij de aangiften behorende facturen is aangeduid als “[A]” (hierna: [A] of het apparaat). Het apparaat is telkens aangegeven onder tariefpostonderverdeling 8519 89 90 90 van de GN met als goederenomschrijving “audio steno [...], zijnde mp3speler transmitters”.

2.2

Uiterlijke kenmerken [A]

2.2.1

bestaat uit een kastje waarin een vijftal luidsprekers zijn geplaatst die elk zijn voorzien van een afzonderlijke digitale versterker. Het apparaat is voorzien van knoppen voor mute en volumeregeling en heeft aan de achterzijde een aansluiting voor een koptelefoon, een audio-ingang, twee netwerkpoorten en een stroomaansluiting. Op de netwerkpoorten kunnen – met behulp van een kabel – een digitale videorecorder, een pc, een spelconsole of een NAS-station worden aangesloten, om deze apparaten via het [B]-netwerk (zie onderdeel 2.3 hierna) met het internet te verbinden.

2.2.2

In [A] is een moederboard ingebouwd met daarop onder meer een centrale processor unit.

2.3

Werking [A]

2.3.1

Het apparaat dient met een ethernetkabel op een router of kabelmodem te worden aangesloten. Deze verbinding is onontbeerlijk om aansluiting te maken op het internet. Zodra [A] via de ethernetkabel is aangesloten op het internet, kunnen muziekbestanden van online muziekaanbieders worden afgespeeld en kan ook internetradio worden beluisterd. Bovendien is het mogelijk om muziekbestanden vanaf externe apparaten, zoals een computer (pc of Mac), een iPod, een iPhone of andere smartphone, op het apparaat af te spelen. Het systeem ondersteunt vrijwel alle muziekformaten.

2.3.2

Twee of meer1 [A's] kunnen onderling draadloos digitale gegevens uitwisselen, en zo tezamen een draadloos datanetwerk vormen (hierna: [B]-netwerk). Het [B]-netwerk functioneert geheel onafhankelijk van een eventueel reeds aanwezig draadloos WiFi-netwerk, omdat een afwijkende coderingssleutel wordt gebruikt. Om communicatie tussen het [B]-netwerk en het ‘normale’ netwerk2 en/of tussen het [B]-netwerk en het internet mogelijk te maken, dient een van de (of de enige) [A](s) met een ethernetkabel op een router of op een kabelmodem te worden aangesloten (zie ook punt 2.3.1).

2.3.3

[A] maakt gebruik van AES encrypt peer-to-peer draadloze MESH-technologie (een MESH draadloos netwerk dat kan worden gezien als een speciaal type wireless ad-hoc network), waarbij automatisch coderingssleutels en SSID’s (netwerknaam) worden gegenereerd.

2.3.4

De software die aanwezig is in het geheugen van het moederboard bestaat onder meer uit de besturingssoftware Linux. Linux kan via het internet geüpdatet worden. Binnen de Linux-besturingssoftware kunnen Linux-programma’s, zoals een tekstverwerker, spreadsheet en e-mailprogramma werken. Omdat in- en uitvoereenheden zoals een toetsenbord en monitor niet op [A] kunnen worden aangesloten, kunnen deze programma’s echter alleen met behulp van een andere computer worden gebruikt. [A] heeft niet de mogelijkheid data op te slaan.

2.4

Informatie website [B]

2.4.1

Op de website van belanghebbende is uitgebreide informatie over [A] c.q. het [B]-netwerk opgenomen. De informatie is onderverdeeld onder de volgende hoofdstukken/koppen3:

“Kristalhelder, kamervullend geluid

(…)

Directe toegang tot een oneindige hoeveelheid muziek

(…)

Bedien het allemaal met je iPhone en meer

(…)

Draadloze, multi-room muziek met [B]

(…)

Eenvoudige installatie en uitbreidbaar ontwerp

(…)

Automatische software-updates: [B] wordt steeds beter

(…)

Andere fantastische functies”

2.5

Naar aanleiding van de in 2.1 vermelde negen aangiften heeft de Inspecteur negen uitnodigingen tot betaling (hierna: utb’s) aan belanghebbende uitgereikt. [A's] zijn daarbij conform de aangiften ingedeeld in tariefpostonderverdeling 8519 89 90 90 van de GN.4

2.6

Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen de vorenbedoelde utb’s. De Inspecteur5 heeft het bezwaar bij een drietal uitspraken, gedagtekend 11 mei 2010, ongegrond verklaard. In de uitspraken op bezwaar heeft de Inspecteur zich nader op het standpunt gesteld dat [A] moet worden ingedeeld onder een andere tariefpostonderverdeling, te weten 8519 89 19 90 van de GN. Voor goederen van deze post gold een tarief van 4,5%. De Inspecteur heeft evenwel afgezien van boeking achteraf en navordering van de (zijns inziens) meer verschuldigde douanerechten.6

3 Geding voor Rechtbank en het Hof

3.1

De Rechtbank

3.1.1

Belanghebbende heeft tegen de uitspraken van de Inspecteur beroep ingesteld bij de Rechtbank. Voor de Rechtbank was de indeling van [A] in de GN in geschil.

3.1.2

De Rechtbank oordeelde dat [A] moet worden ingedeeld onder GN-code 8519 89 19. Zij overwoog daartoe, voor zover van belang, het volgende:

“(…)

5.5.

[A] verzendt en ontvangt draadloos versleutelde digitale bestanden, zet deze om in audio en geeft deze audiobestanden weer als muziek. Ten behoeve van deze functies beschikt [A], onder andere over een moederboard met cpu en Linux-besturingssoftware. Gelet op de objectieve kenmerken en eigenschappen van [A], zoals onder 2.2.7 omschreven en zoals deze blijken uit de overige stukken van het geding en hetgeen ter zitting is vastgesteld, staan deze functies ten dienste van de muziekweergave. De meest praktische functie van [A] bestaat niet uit het draadloos ontvangen en zenden en/of muziekgegevensverwerking, ook al is die in de werking onontbeerlijk voor het systeem, maar uit muziekweergave. Dit blijkt al uit de vijf luidsprekers, en de vijf afzonderlijke digitale versterkers. Dit oordeel brengt mee dat op grond van aantekening 5 E op hoofdstuk 84 van de GN [A] een eigen functie, andere dan automatische gegevensverwerking, vervult en naast de onder 5.2 en 5.3. genoemde redenen ook om deze reden niet kan worden ingedeeld onder post 8471. [A] moet worden ingedeeld onder de post die overeenkomstig zijn functie in aanmerking komt.

5.6.

Aangezien [A] meerdere functies vervult, moet op grond van aantekening 3 op afdeling XVI [A] worden ingedeeld naar de hoofdfunctie die kenmerkend is voor het complex. Gelet op hetgeen de rechtbank onder 5.5. heeft overwogen is de hoofdfunctie van het complex de muziekweergave. In aanmerking nemend dat [A] geen data kan opslaan voldoet [A] aan de bewoording van post 8519 89 19, te weten toestellen voor het weergeven van geluid, zonder ingebouwd apparaat voor opnemen van geluid. [A] komt overeenkomstig zijn functie in aanmerking om te worden ingedeeld onder de GN-code 8519 89 19. (…).”

3.1.3

Bij (in één geschrift vervatte) uitspraken van 20 juli 2011, nrs. AWB 10/2746, 10/2747 en 10/2659, ECLI:RBHAA:2011:LJN BV3492, heeft de Rechtbank de beroepen ongegrond verklaard.

3.2

Het Hof

3.2.1

Belanghebbende heeft bij het Hof hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de Rechtbank. Ook voor het Hof was de indeling van [A] in de GN in geschil.8

3.2.2

Het Hof oordeelde dat [A] op grond van algemene indelingsregels 1 en 6, met toepassing van aantekening 3 op afdeling XVI, moet worden ingedeeld onder tariefpostonderverdeling 8519 89 19 van de GN. Na – in de punten 6.1 en 6.2 van de uitspraak – te hebben overwogen dat [A] in beginsel vatbaar is voor indeling in zowel post 8517 als post 8519 van de GN, motiveerde het Hof zijn beslissing, voor zover in cassatie van belang, als volgt:

“6.4. Ingevolge aantekening 3 op afdeling XVI worden machines met twee of meer verschillende (afwisselende of aanvullende) functies ingedeeld naar de hoofdfunctie die kenmerkend is voor het complex. Nagegaan moet dus worden of de netwerkfunctie (post 8517) danwel de weergavefunctie (post 8519) de hoofdfunctie is. Het Hof overweegt ter zake als volgt.

6.5.

De omstandigheid dat de netwerkfunctie de toestellen in staat stelt tot het ontvangen van de geluidssignalen die noodzakelijk zijn voor het kunnen weergeven van geluid, voert op zichzelf niet tot de conclusie dat de netwerkfunctie de hoofdfunctie van de toestellen vormt. Een functie van een toestel geldt op zich niet als hoofdfunctie omdat zij onontbeerlijk is, daar een functie onontbeerlijk, maar desondanks secundair of bijkomend kan zijn (HvJ EU 14 april 2011, C-288/09 British Sky, r.o. 74).

6.6.

Volgens vaste rechtspraak kan de bestemming van een product een objectief indelingscriterium (…) zijn, wanneer die bestemming inherent is aan dit product. De inherentie moet kunnen worden beoordeeld aan de hand van de objectieve kenmerken en eigenschappen van het product. Dienaangaande moet rekening worden gehouden met wat voor de consument hoofd- en bijzaak is (HvJ EU 14 april 2011, C-288/09 British Sky, r.o. 76 en 77).

6.7.

Uit de stukken van het geding, waaronder de onder 2.2.4 aangehaalde informatie van de website van belanghebbende, blijkt dat de toestellen de objectieve kenmerken en eigenschappen van een draadloos HiFi-muzieksysteem hebben en ook vrijwel uitsluitend als zodanig aan de consument worden gepresenteerd. De mogelijkheid om andere apparaten (bijv. een pc, gameconsole, digitale videorecorder, NAS-station of settopbox, hierna tezamen aangeduid als ‘externe apparaten’) via de onderwerpelijke toestellen met het internet te verbinden wordt slechts zijdelings genoemd, onder de kop ‘Andere fantastische functies’. Het Hof concludeert hieruit dat de toestellen aan de consument worden gepresenteerd als muzieksysteem en niet als netwerksysteem.

6.8.

Deze bestemming wordt ondersteund door de omstandigheid dat belanghebbende, naast het onderwerpelijke toestel met een consumentenprijs van € 399, ook een toestel met de handelsnaam ‘[D]’ importeert, met een consumentenprijs van (destijds) slechts € 99. [D] beschikt over dezelfde netwerkfunctionaliteit als [A], doch kan geen geluid weergeven. [D] kan in een [B]-netwerk worden gebruikt in ruimtes waar geen geluidsweergave gewenst is. Ook via [D] kunnen externe apparaten met het internet worden verbonden.

6.9.

Ook vanwege de beperkte toegangsmogelijkheden tot het [B]-netwerk acht het Hof niet aannemelijk dat de consument [A] zal aanschaffen vanwege de netwerkfunctie. Draadloze communicatie van een extern apparaat met of via het draadloze [B]-netwerk is immers niet mogelijk, omdat het [B]-netwerk voor draadloze communicatie gebruik maakt van een andere coderingssleutel dan de gangbare WiFi-standaard. Draadloze communicatie is enkel mogelijk tussen [B]-apparaten onderling. Gebruikmaking van het draadloze [B]-netwerk met een extern apparaat is uitsluitend mogelijk door dit apparaat met behulp van een kabel aan te sluiten op één van [A's] of ZoneBridges in het netwerk.

(…)”

3.2.3

Bij uitspraak van 10 januari 2013, nrs. 11/00696, 11/00697 en 11/00698, ECLI:NL:GHAMS:2013:BY9057, DR 2013/21, heeft het Hof de uitspraak van de Rechtbank bevestigd.

4 Het geding in cassatie

5 Afdeling XVI, hoofdstuk 85, tariefposten 8517 en 8519 van de GN

6 Indeling van [A]

7 Conclusie