Home

Rechtbank Amsterdam, 08-05-2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:5215, 71-311871-21

Rechtbank Amsterdam, 08-05-2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:5215, 71-311871-21

Gegevens

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
8 mei 2025
Datum publicatie
27 augustus 2025
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2025:5215
Zaaknummer
71-311871-21

Inhoudsindicatie

Medeplegen (verlengde) invoer van in totaal bijna 1700 kilo cocaïne, verdeeld over 4 partijen in de jaren 2015-2020. Procesafspraken. Straf: gevangenisstraf 7 jaren en een geldboete van € 1.250.000,-.

Uitspraak

vonnis

Afdeling Publiekrecht

Teams Strafrecht

Parketnummer: 71-311871-21

Datum uitspraak: 8 mei 2025

Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de zaak tegen

[de verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1977,

zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland,

thans gedetineerd in [penitentiaire inrichting] .

1 Het onderzoek ter terechtzitting

Dit verkort vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 24 april 2025.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officieren van justitie, mrs. G.H. Rip en R. Hagemeier (hierna: de officier van justitie), en van wat verdachte en zijn raadsman, mr. C.C. Polat, naar voren hebben gebracht.

De rechtbank heeft verder kennisgenomen van de tussen de officier van justitie en de verdachte gesloten overeenkomst ten aanzien van de door hen gemaakte procesafspraken die kort gezegd inhouden dat de verdediging geen onderzoekswensen zal indienen en geen bewijsverweren zal voeren en dat de officier van justitie een gevangenisstraf van zeven jaar zal vorderen, met aftrek van de tijd die in voorarrest en uitleveringsdetentie is doorgebracht, en een geldboete van € 1.250.000,- (hierna: het ‘afdoeningsvoorstel’).

2 Het onderzoek 26Lyons

Op 24 december 2019 is onder leiding van de officier van justitie van het Landelijk Parket te Amsterdam een opsporingsonderzoek gestart onder de naam 26Lyons. Het onderzoek startte naar aanleiding van een melding van het Team Criminele Inlichtingen (TCI) van diezelfde datum, inhoudende dat onder meer [medeverdachte 1] (de rechtbank begrijpt: [medeverdachte 1] ), [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] al jaren samenwerken in de internationale cocaïnehandel en zij cocaïne vanuit Costa Rica naar Nederland importeren. Het onderzoek was (in eerste instantie) gericht op [medeverdachte 1] , die via PGP-berichten zou hebben gecommuniceerd over onder meer de internationale handel in cocaïne. PGP staat voor ‘Pretty Good Privacy’-software. Met deze software kunnen de gebruikers hun digitale berichten voorzien van encryptie waardoor deze voor derden niet leesbaar zijn. Het onderzoek 26Lyons richtte zich op overtredingen van de Opiumwet: het invoeren, bewerken en verwerken, aanwezig hebben en vervaardigen van verdovende middelen, vermeld op lijst I van de Opiumwet en het (mede)plegen van voorbereidingshandelingen hiertoe.

Op 16 september 2020 werd door het TCI een volgende verstrekking gedaan aan het onderzoeksteam 26Lyons: ‘ [bijnaam medeverdachte 2] , [bijnaam verdachte] en [bijnaam medeverdachte 1] werken samen in de handel en smokkel van cocaïne.’ Volgens het TCI wordt met ‘ [bijnaam medeverdachte 2] ’ bedoeld: [medeverdachte 2] , met ‘ [bijnaam verdachte] ’ wordt bedoeld: [de verdachte] , geboren [geboortedag] 1977 en met ‘ [bijnaam medeverdachte 1] ’ wordt bedoeld: [medeverdachte 1] .

Op 22 februari 2021 werd door het TCI wederom een verstrekking gedaan, ditmaal met de tekst: ‘Van de groep van [bijnaam medeverdachte 1] is 500 kilo cocaïne geript. Dit verklaart ook de schietpartijen rondom Almere. [medeverdachte 2] regelt de afdeling geweld binnen de groep van [bijnaam medeverdachte 1] .’

Volgens het TCI wordt met ‘ [bijnaam medeverdachte 1] ’ bedoeld: [medeverdachte 1] (hierna: [medeverdachte 1] ), met ‘ [bijnaam medeverdachte 2] ’ [medeverdachte 2] (hierna: [medeverdachte 2] ). Met de ‘ [groepsnaam] ’ wordt bedoeld: [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] en [de verdachte] .

In 2016 heeft de politie beslag gelegd op de data van een aantal servers van [naam 1] . Dit betrof een bedrijf dat berichtenverkeer tussen zogeheten PGP-telefoons mogelijk maakte. Na de inbeslagname van de data is de encryptie daarvan gekraakt en kon de politie de berichten lezen.

Op 27 februari 2020 ontving het onderzoeksteam 26Lyons een proces-verbaal vanuit het onderzoek 26Marengo met daarin vermeld een zestal [naam 1] -accounts waarvan de politie vermoedde dat deze in gebruik waren bij de medeverdachte [medeverdachte 1] .

Het onderzoek 26Lyons heeft zich voor een belangrijk deel gericht op de versleutelde [naam 1] -communicatie van [medeverdachte 1] en op de personen met wie hij via deze communicatie berichten deelde. Uit de data kwam volgens de politie naar voren dat [medeverdachte 1] veelvuldig contact had met in eerste instantie onder meer medeverdachten [medeverdachte 4] (hierna: [medeverdachte 4] ) en [medeverdachte 5] (hierna [medeverdachte 5] ), en naar later bleek ook met verdachte, en dat veel berichten over de handel in cocaïne gaan.

Hieruit is de verdenking ontstaan dat verdachte zich, samen met anderen, in 2015 heeft schuldig gemaakt aan drie cocaïnetransporten vanuit Zuid-Amerika naar Nederland.

Begin 2021 is door de politie de encryptiedienst [encryptiedienst] gekraakt. [encryptiedienst] is een met [naam 1] te vergelijken versleutelde berichtendienst die veelal door criminelen werd gebruikt om elkaar ‘encrypted’ berichten te versturen die voor derden niet leesbaar waren. Uit onderzoek in de databestanden van [encryptiedienst] is gebleken dat [medeverdachte 1] ook gebruik gemaakt heeft van een [encryptiedienst] -account en dat hij in maart 2020 actief deel uitmaakte van een zogenaamde ‘chatgroep’ waarin werd gecommuniceerd over een transport van 865 kilo cocaïne in een koelcontainer vanuit Costa Rica naar Rotterdam. Eén van de deelnemers van deze chatgroep was verdachte.

Uit deze berichten is de verdenking ontstaan dat verdachte zich in 2020, samen met anderen, heeft schuldig gemaakt aan een cocaïnetransport dat op 30 maart 2020 in de haven van Rotterdam is onderschept.

3 Tenlastelegging

Aan verdachte is – kort gezegd – ten laste gelegd dat hij zich heeft schuldig gemaakt aan het medeplegen van de opzettelijke (verlengde) invoer in Nederland van

1. kg (en vervolgens daarvan 140 kg) cocaïne in de periode van 13 augustus 2015 tot en met 28 september 2015;

2. 206 kg (en vervolgens daarvan 133 kg) cocaïne in de periode van 7 augustus 2015 tot en met 23 augustus 2015;

3. 430 kg (en vervolgens daarvan 258 kg) cocaïne in de periode van 29 augustus 2015 tot en met 16 oktober 2015;

en/of (deze) hoeveelheden cocaïne opzettelijk heeft afgeleverd, verstrekt en/of vervoerd, in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad;

4. 865 kg cocaïne in de periode van 21 maart 2020 tot en met 30 maart 2020.

De volledige tenlastelegging is opgenomen in een bijlage die aan dit vonnis is gehecht en geldt als hier ingevoegd.

4 Waardering van het bewijs

5 Bewezenverklaring

6 Het bewijs

7 De strafbaarheid van de feiten

8 De strafbaarheid van verdachte

9 Procesafspraken, waaronder het afdoeningsvoorstel

10 Motivering van de straffen

11 Toepasselijke wettelijke voorschriften

12 Beslissing