Rechtbank Den Haag, 18-02-2026, ECLI:NL:RBDHA:2026:3097, NL26.14
Rechtbank Den Haag, 18-02-2026, ECLI:NL:RBDHA:2026:3097, NL26.14
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Den Haag
- Datum uitspraak
- 18 februari 2026
- Datum publicatie
- 18 februari 2026
- ECLI
- ECLI:NL:RBDHA:2026:3097
- Zaaknummer
- NL26.14
Inhoudsindicatie
Dublin, Duitsland, 8:54 Awb, interstatelijk vertrouwensbeginsel, eiser heeft niet aannemelijk gemaakt dat hij geen opvolgende asielaanvraag kan indienen, niet onderbouwd dat eiser medische behandeling ondergaat, refoulement, beroep kennelijk ongegrond.
Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL26.14
[naam] , eiser,
geboren op [geboortedatum] ,
van Pakistaanse nationaliteit,
V-nummer: [nummer] ,
(gemachtigde: mr. H.A. Jeuring),
en
de minister van Asiel en Migratie, de minister.
Inleiding
1. In deze uitspraak beslist de rechtbank over het beroep van eiser tegen het niet in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister heeft de asielaanvraag met het bestreden besluit van 30 december 2025 niet in behandeling genomen, omdat Duitsland verantwoordelijk is voor de aanvraag.
De rechtbank doet op grond van artikel 8:54 van de Awb1 uitspraak zonder zitting.
Het verzoek om een voorlopige voorziening te treffen staat geregistreerd onder het zaaknummer NL26.15. Hierop wordt bij afzonderlijke uitspraak beslist.