Rechtbank Midden-Nederland, 19-08-2024, ECLI:NL:RBMNE:2024:4898, 21/732
Rechtbank Midden-Nederland, 19-08-2024, ECLI:NL:RBMNE:2024:4898, 21/732
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Midden-Nederland
- Datum uitspraak
- 19 augustus 2024
- Datum publicatie
- 23 september 2024
- ECLI
- ECLI:NL:RBMNE:2024:4898
- Zaaknummer
- 21/732
Inhoudsindicatie
Woz. Niet-woning, HWK methode. Beroep ongegrond. Verzoek om immateriële schadevergoeding toegewezen. Verzoek om veroordeling van gemachtigde van eiseres in de proceskosten van de heffingsambtenaar afgewezen.
Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Zittingsplaats Utrecht
Bestuursrecht
zaaknummer: UTR 21/732
[eiseres] B.V. uit [woonplaats] , eiseres
(gemachtigde: mr. D.A.N. Bartels MRE)
en
de heffingsambtenaar van de gemeente [gemeente] , de heffingsambtenaar
(gemachtigde: B. Schras)
Als derde-partij heeft aan het geding deelgenomen:
de Staat der Nederlanden (de staatssecretaris voor Rechtsbescherming).
Inleiding
In deze zaak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiseres tegen de hoogte van de WOZwaarde van de onroerende zaak aan [adres] te [plaats] (de niet-woning).
In de beschikking van 29 februari 2020 (het primaire besluit) heeft de
heffingsambtenaar op grond van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) de waarde van de niet-woning voor het belastingjaar 2020 vastgesteld op € 3.360.000 naar de waardepeildatum 1 januari 2019. Bij deze beschikking heeft de heffingsambtenaar aan eiseres als gebruiker van deze niet-woning ook aanslagen onroerendezaakbelasting opgelegd, waarbij de WOZwaarde als heffingsmaatstaf is gehanteerd.
Eiseres heeft tegen het primaire besluit bezwaar gemaakt. In de uitspraak op bezwaar van 30 december 2020 (de bestreden uitspraak) heeft de heffingsambtenaar het bezwaar van eiseres ongegrond verklaard en de WOZ-waarde van de niet-woning gehandhaafd.
Eiseres heeft tegen de uitspraak op bezwaar beroep ingesteld. De heffingsambtenaar heeft een verweerschrift overgelegd met een bruto kapitalisatiefactorberekening en een recent aankoopcijfer.
De zaak is behandeld op de digitale zitting van 22 juli 2024. Daaraan hebben deelgenomen: gemachtigde van eiseres en de gemachtigde van de heffingsambtenaar, vergezeld door [A] (taxateur).