Rechtbank Noord-Holland, 30-01-2025, ECLI:NL:RBNHO:2025:10041, C/15/361354 / TH ZA 25-1
Rechtbank Noord-Holland, 30-01-2025, ECLI:NL:RBNHO:2025:10041, C/15/361354 / TH ZA 25-1
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Noord-Holland
- Datum uitspraak
- 30 januari 2025
- Datum publicatie
- 29 augustus 2025
- ECLI
- ECLI:NL:RBNHO:2025:10041
- Zaaknummer
- C/15/361354 / TH ZA 25-1
Inhoudsindicatie
Besluit oplegging tijdelijk huisverbod vertoont een zorgvuldigheidsgebrek, omdat eiseres niet is gehoord. Eiseres heeft op de zitting alsnog alles naar voren kunnen brengen. Dat maakt de beoordeling niet anders, zodat het gebrek wordt gepasseerd. Verweerder wordt wel in de proceskosten veroordeeld.
Uitspraak
Familie en Jeugd
locatie Haarlem
zaak-/rekestnummers: C/15/361354 / TH ZA 25-1 (voorlopige voorziening)
C/15/361347 / FA RK 25-409 (beroepschrift)
Uitspraak naar aanleiding van het verzoek om een voorlopige voorziening als bedoeld in artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb), tevens uitspraak in de hoofdzaak als bedoeld in artikel 8:86, eerste lid, van de Awb van 30 januari 2025
in de zaak van:
[eiseres] ,
Verzoekster, tevens eiseres (hierna: eiseres),
wonende te [plaats] ,
thans verblijvende te [plaats] ,
gemachtigde: mr. M.A.C. de Bruijn, advocaat te Amsterdam,
en
de burgemeester van de gemeente Zaanstad, verweerder,
zetelende te Zaanstad,
gemachtigde: mr. S.E.H. van Thoor, advocaat te Hoofddorp,
in welke zaken belanghebbenden zijn:
[de ex-partner] ,
hierna te noemen: de ex-partner,
[de zoon] ,
hierna te noemen: de zoon,
[de minderjarige dochter] ,
geboren op [geboortedatum] in [plaats] ,
hierna te noemen: de minderjarige dochter,
allen wonende te [plaats] .
1 De procedure
Bij besluit van 24 januari 2025 heeft verweerder aan eiseres een huisverbod als bedoeld in de Wet tijdelijk huisverbod (hierna: Wth) opgelegd voor de periode van tien dagen, te weten tot 3 februari 2025.
Tegen dit besluit (hierna: het bestreden besluit) heeft eiseres bij brief van 27 januari 2025 beroep ingesteld. Voorts heeft eiseres bij brief van 27 januari 2025 de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen, inhoudende het besteden besluit te schorsen tot de beslissing op beroep. Bij mailbericht van 29 januari 2025 heeft eiseres nadere stukken ingebracht (te weten een verklaring van de vriendin van de zoon en een verklaring van de behandelaar).
Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 29 januari 2025. Eiseres is in persoon verschenen, bijgestaan door haar gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. S.E.H. van Thoor. Voorts zijn de zoon en de ex-partner verschenen.
Ter zitting is namens eiseres medische informatie en een verklaring van een vriendin van eiseres ingebracht.
2 Bestreden besluit en verweer
Verweerder heeft aan het bestreden besluit ten grondslag gelegd dat sprake was van fysiek geweld tussen eiseres en de ex-partner. Eiseres en de ex-partner hadden ruzie, omdat de ex-partner niet wilde toestemmen met een vakantie van eiseres met de dochter naar Curaçao. Eiseres dreigde de ex-partner op straat te zetten, gooide zijn spullen naar buiten en begon op hem in te slaan. Mogelijk ging hier een duw van de ex-partner aan vooraf. De ex-partner heeft letsel aan zijn gezicht en handen en de minderjarige dochter (8 jaar) is tussenbeide gekomen om eiseres van de ex-partner af te halen. Volgens de ex-partner gebruikt eiseres ook geweld tegen de dochter, omdat zij vindt dat het bij de opvoeding hoort. De ex-partner wil dit niet, maar kan er weinig van zeggen. De belangen van de ex-partner en de minderjarige dochter wegen nu zwaarder dan de belangen van eiseres om de komende 10 dagen in de woning te verblijven. Verweerder acht de kans dat het opnieuw gaat escaleren groot.
Verweerder heeft ter zitting het volgende verweer gevoerd. Volgens verweerder is het bestreden besluit op goede gronden genomen en bestaat er op dit moment ook geen aanleiding voor beëindiging van het huisverbod, ook niet in het licht van de informatie zoals besproken ter zitting. Er is hulpverlening ingezet van Veilig Thuis, Jeugdzorg en de reclassering. Er zijn nog geen veiligheidsafspraken gemaakt. De onveilige situatie is dus nog niet geweken. Het is nog steeds onduidelijk wie, wat heeft gedaan. Er wordt uitgegaan van de risicotaxatie van de politie. In ieder geval is duidelijk dat er een heftige escalatie heeft plaatsgevonden die voor een gevaarlijke situatie heeft gezorgd, ook voor de minderjarige dochter. Voor zover eiseres stelt dat zij vanwege haar medisch letsel terug naar huis moet, blijkt dat niet uit de stukken. Overigens wordt zij dan niet in staat geacht om voor de minderjarige dochter te zorgen, zodat het beter is dat de andere hoofdopvoeder (de ex-partner) in de woning blijft. Verweerder voert ten slotte aan dat de hoorplicht niet is geschonden, nu uit de stukken blijkt dat eiseres niet in gesprek wilde gaan met de politie.
3 Beroepsgronden en standpunt ter zitting
Eiseres heeft in de stukken aangevoerd dat zij terug naar haar huis en de kinderen wil. Het is volgens haar juist de ex-partner die voor een gevaarlijke situatie heeft gezorgd. Eiseres en de ex-partner hebben geweld tegen elkaar gebruikt, maar eiseres moest zich verdedigen nadat de ex-partner haar bijna van de trap afgooide. De politie heeft vastgesteld dat er zowel bij eiseres als bij de ex-partner letsel was. Eiseres ontkent dat de minderjarige dochter op haar rug moest springen. Dit verhaal komt bij de ex-partner vandaan, hij manipuleert de dochter om zijn kant te kiezen. Eiseres betwist ook dat zij geweld tegen de minderjarige dochter gebruikt, laat staan dat dit bij de opvoeding hoort.
Het bestreden besluit is in strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel, verbod van willekeur en gelijkheidsbeginsel. Er is namelijk geen onderzoek gedaan en niet is gezocht naar informatie die de verklaring van eiseres zou kunnen bevestigen of ontkrachten. Eiseres kan anderen aandragen die haar verhaal bevestigen, maar daarnaar lijkt geen onderzoek te zijn gedaan. Verder is het huisverbod zeer kort na het verhoor opgelegd. Van de bevindingen van het verhoor lijkt geen gebruik te zijn gemaakt, laat staan dat naar eiseres is geluisterd. Het feit dat de ex-partner wel thuis mag blijven verbaast des te meer, aangezien in het huisverbod staat dat hij zich kennelijk niet genegen voelt in te grijpen wanneer geweld zou plaatsvinden. Daarbij komt dat eiseres ook geen contact mag hebben met de zoon, waarvoor in het geheel geen motivering is gegeven.
Daarnaast is sprake van een schending van het evenredigheidsbeginsel en het motiveringsbeginsel. Eiseres heeft langer te lijden onder haar ex-partner, die zowel een verhuizing als de opvoeding van de dochter frustreert. Zij heeft zichzelf moeten verdedigen tegen zijn aanval en moet als gevolg daarvan het huis uit, een huishouden dat zij volledig financiert. De financiële en praktische gevolgen zijn enorm, te meer nu eiseres vreest dat de ex-partner de minderjarige dochter verder tegen haar zal opzetten. Verweerder heeft ook niet gemotiveerd waarom te vrezen is voor verder geweld.
Ter zitting is door en namens eiseres het volgende naar voren gebracht. Eiseres is op 24 januari 2025 aangehouden en aansluitend verhoord door de politie. Zij heeft daar verklaard dat zij is aangevallen door de ex-partner en letsel heeft opgelopen. Daarvan zijn foto’s gemaakt door de politie. Omdat eiseres aanhoudende klachten had, is zij naar de spoedeisende hulp gegaan. Uit de overgelegde medische stukken blijkt dat zij een hersenschudding en een kneuzing aan haar schouder heeft. Dit biedt een onderbouwing voor haar verhaal en hiermee wordt het verhaal van de ex-partner weersproken. Hij verklaart namelijk dat hij zich alleen maar heeft verdedigd en daarbij geen letsel is toegebracht. Als ondersteunend bewijs zijn verder overgelegd de verklaringen van de vriendin van de zoon, de behandelaar en van de vriendin, die ten tijde van het incident aan de lijn hing. Eiseres blijft bij haar verhaal dat de ex-partner de agressor is. Daar komt bij dat eiseres ten onrechte niet is verhoord. Het was niet zo dat zij niet in gesprek wilde gaan met de politie, maar dat zij daar niet toe in staat was op dat moment vanwege haar letsel. De advocaat heeft tijdens het politieverhoor (vrijdag 24 januari 2024) ook waargenomen dat het niet goed ging met haar. De belangenafweging had in haar voordeel moeten uitvallen. Beide ouders hebben gezag en kunnen voor de minderjarige dochter zorgen.