Rechtbank Noord-Nederland, 02-12-2025, ECLI:NL:RBNNE:2025:4923, 24/4631
Rechtbank Noord-Nederland, 02-12-2025, ECLI:NL:RBNNE:2025:4923, 24/4631
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Noord-Nederland
- Datum uitspraak
- 2 december 2025
- Datum publicatie
- 3 december 2025
- Zaaknummer
- 24/4631
- Relevante informatie
- Art. 17 Wet WOZ, Art. 18 Wet WOZ, Art. 22 Wet WOZ
Inhoudsindicatie
WOZ procedure inzake onroerende zaak met aardbevingsschade. Een persoonlijk recht met betrekking tot aardbevingsschade speelt geen rol in de waardering.
Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: LEE 24/4631
uitspraak van de enkelvoudige belastingkamer van 2 december 2025 in de zaak tussen
[eiser] , uit [woonplaats] , eiser
en
de heffingsambtenaar van het Noordelijk Belastingkantoor, de heffingsambtenaar
(gemachtigde: [gemachtigde] ).
Inleiding
1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiser tegen de uitspraak op bezwaar van de heffingsambtenaar van 15 oktober 2024.
Bij beschikking van 29 februari 2024 heeft de heffingsambtenaar de waarde van de onroerende zaak, plaatselijk bekend als [adres 1] te [plaats]
(de onroerende zaak), per waardepeildatum 1 januari 2023 (de waardepeildatum), vastgesteld op € 183.000 (de beschikking). Met deze waardevaststelling is aan eiser ook een aanslag in de onroerendezaakbelasting voor het jaar 2024 opgelegd (de aanslag).
Bij uitspraak op bezwaar van 15 oktober 2025 heeft de heffingsambtenaar het bezwaar van eiser ongegrond verklaard. De heffingsambtenaar heeft daarbij de waarde van de onroerende zaak gehandhaafd.
De heffingsambtenaar heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.
De rechtbank heeft het beroep op 4 november 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiser en de gemachtigde van de heffingsambtenaar, bijgestaan door [bijstand] .