Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 10-12-2025, ECLI:NL:RBZWB:2025:8775, BRE 24/7808
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 10-12-2025, ECLI:NL:RBZWB:2025:8775, BRE 24/7808
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum uitspraak
- 10 december 2025
- Datum publicatie
- 17 december 2025
- Zaaknummer
- BRE 24/7808
- Relevante informatie
- Art. 27h AWR, Art. 28 AWR
Inhoudsindicatie
Navorderingsaanslag IB/PVV, integrale proceskostenvergoeding, immateriëleschadevergoeding, beroep gegrond.
Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Zittingsplaats Breda
Belastingrecht
zaaknummer: BRE 24/7808
[belanghebbende] , uit [plaats] , belanghebbende,
(gemachtigde: mr. S.B.M.A. Engelen),
en
de inspecteur van de Belastingdienst, de inspecteur.
Inleiding
1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van belanghebbende tegen de uitspraak op bezwaar van de inspecteur van 4 oktober 2024.
De inspecteur heeft aan belanghebbende over het jaar 2017 een navorderingsaanslag in de inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV) opgelegd naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 40.480 en naar een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 16.650.
Gelijktijdig met de vaststelling van de navorderingsaanslag heeft de inspecteur belanghebbende € 67 belastingrente in rekening gebracht (de belastingrentebeschikking) en belanghebbende een vergrijpboete van € 392 opgelegd (de boetebeschikking).
De inspecteur heeft het bezwaar van belanghebbende gegrond verklaard. De inspecteur heeft daarbij de navorderingsaanslag vernietigd.
De rechtbank heeft het beroep op 29 oktober 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: belanghebbende, zijn partner en de gemachtigde van belanghebbende. Namens de inspecteur hebben mr. [inspecteur 1] en mr. [inspecteur 2] deelgenomen.
Van hetgeen op de zitting is besproken, is een proces-verbaal opgemaakt waarvan de rechtbank gelijktijdig met deze uitspraak een afschrift naar partijen heeft verzonden.