Standpunt (fictieve) dienstbetrekking sekswerkers

Standpunt (fictieve) dienstbetrekking sekswerkers

Gegevens

Nummer
2025/1236
Publicatiedatum
7 augustus 2025
Auteur
Redactie
Rubriek
Arbeid, loon en resultaat
Relevante informatie

De Kennisgroep loonheffing algemeen heeft een standpunt ingenomen over de (fictieve) dienstbetrekking van sekswerkers.

Op grond van artikel 4, onderdeel e, van de Wet op de loonbelasting 1964 in samenhang met artikel 2ca van het Uitvoeringsbesluit loonbelasting 1965 geldt een fictieve dienstbetrekking voor sekswerkers in het geval zij niet in een echte dienstbetrekking werkzaam zijn. Er is echter geen sprake van een fictieve dienstbetrekking als aan de voorwaarden van artikel 2.2 van de Uitvoeringsregeling loonbelasting 2011 wordt voldaan. Een van de voorwaarden is dat de zogenoemde opting-in regeling van artikel 2g UBLB 1965 wordt toegepast (zie artikel 2.2, eerste lid, onderdeel d, URLB 2011).

Vragen

  1. Kan een sekswerker die werkzaam is voor een exploitant alleen buiten fictieve dienstbetrekking werken als de exploitant het voorwaardenpakket van artikel 2.2 URLB 2011 toepast?

  2. Is het binnen de huidige fiscale wet- en regelgeving mogelijk voor een exploitant om naast een aantal sekswerkers die via het voorwaardenpakket werken tegelijkertijd een overeenkomst aan te gaan met:

    • sekswerkers die in echte dienstbetrekking werken;

    • sekswerkers die enkel een kamer huren bij de exploitant om hun werkzaamheden te verrichten waar de exploitant verder in het geheel geen bemoeienis heeft;

    • sekswerkers die als ondernemer binnen een escortbedrijf (exploitant) werken;

    • sekswerkers die als ondernemer binnen privéhuizen/bordelen werken.

Antwoorden

  1. Nee. De sekswerker die bijvoorbeeld kan worden aangemerkt als ondernemer in de zin van de Wet IB 2001 werkt niet in fictieve dienstbetrekking, ongeacht of de exploitant het voorwaardenpakket toepast.

  2. Ja. De exploitant is alleen verplicht te voldoen aan het voorwaardenpakket met betrekking tot de sekswerkers die op grond van artikel 2ca UBLB 1965 in fictieve dienstbetrekking staan tot de exploitant. Verplichte toepassing van het voorwaardenpakket geldt dus niet voor sekswerkers die hiervan al uitgezonderd zijn op grond van artikel 2e, vierde lid, onderdelen a en b, UBLB 1965 en sekswerkers die een echte dienstbetrekking hebben.