Curaçaose structuur feitelijk vanuit Nederland geleid door Nederlandse aandeelhouder en adviseurs

Curaçaose structuur feitelijk vanuit Nederland geleid door Nederlandse aandeelhouder en adviseurs

Gegevens

Nummer
2026/250
Publicatiedatum
16 februari 2026
Auteur
Redactie
ECLI
ECLI:NL:RBGEL:2025:10940
Rubriek
Vennootschapsbelasting/Dividendbelasting
Relevante informatie

Belanghebbende is een naar Curaçaos recht opgerichte vennootschap en statutair gevestigd op Curaçao. Belanghebbende is onderdeel van een internationale structuur rondom een in Nederland woonachtige aandeelhouder. De vennootschap houdt zich bezig met het beheren van vermogen, waaronder het verstrekken van leningen, het houden van economische eigendom van bankrekeningen en het beleggen in effecten. De feitelijke leiding van belanghebbende wordt formeel uitgeoefend door een Curaçaose bestuurder, maar de Nederlandse aandeelhouder en zijn adviseurs zijn nauw betrokken bij de kernbeslissingen, zoals herstructureringen, investeringen en het beheer van liquide middelen. De inspecteur heeft navorderingsaanslagen Vpb en boeten opgelegd voor de jaren 2010-2018, stellende dat de werkelijke leiding in Nederland is gelegen. In geschil is of belanghebbende in de betreffende jaren in Nederland is gevestigd en dus belastingplichtig is voor de vennootschapsbelasting en of de opgelegde boeten terecht zijn. De rechtbank overweegt dat de inspecteur aannemelijk maakt dat de werkelijke leiding van belanghebbende in Nederland wordt uitgeoefend door de aandeelhouder, die de kernbeslissingen neemt over het vermogen en de structuur van de vennootschap. De formele Curaçaose bestuurder heeft slechts een uitvoerende rol. De rechtbank baseert dit oordeel op e-mails, presentaties en andere stukken waaruit blijkt dat de aandeelhouder en zijn adviseurs de feitelijke beslissingsmacht hebben. Daarmee is belanghebbende in de relevante jaren in Nederland gevestigd en belastingplichtig. De navorderingsaanslagen zijn tijdig en op juiste gronden opgelegd, mede omdat de relevante inkomsten buiten het zicht van de Nederlandse fiscus zijn gebleven en de verlengde navorderingstermijn van toepassing is. De rechtbank acht verder niet aannemelijk dat belanghebbende opzet of grove schuld kan worden verweten ten aanzien van het niet doen van aangifte, omdat zij mocht vertrouwen op de adviezen van een gerenommeerd belastingadvieskantoor en geen feiten heeft achtergehouden. De boeten worden daarom vernietigd. Voor het jaar 2017 wordt het belastbaar bedrag op nihil gesteld wegens verliesverrekening.

(Beroep deels gegrond.)