Inspecteur is gebonden aan per mail gestuurde uitspraak op bezwaar
Inspecteur is gebonden aan per mail gestuurde uitspraak op bezwaar
Gegevens
- Nummer
- 2026/286
- Publicatiedatum
- 23 februari 2026
- Auteur
- Redactie
- Rubriek
- Formeel belastingrecht
- Relevante informatie
Belanghebbende, een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting, dient voor het jaar 2020 aangifte in met verrekening van verliezen uit eerdere jaren. Na het opleggen van de definitieve aanslag en verliesbeschikking maakt belanghebbende bezwaar tegen de vaststelling van het verrekenbare verlies. De inspecteur stuurt op 15 september 2023 gemachtigde een e-mail met als onderwerp ‘uitspraak bezwaar Vpb 2020 – Verliesbeschikking’. Bij de e-mail wordt een pdf-bestand meegestuurd waarin het bezwaar gegrond wordt verklaard en de verliesverrekening wordt aangepast. In de brief is een rechtsmiddelverwijzing opgenomen. Drie dagen daarna volgt correspondentie waarin de inspecteur aangeeft dat aan de e-mail geen rechten kunnen worden ontleend en dat nog een schriftelijke uitspraak zal volgen. Op 11 januari 2024 doet de inspecteur opnieuw uitspraak op bezwaar, ditmaal schriftelijk en per post.
In geschil is of belanghebbende ontvankelijk is in haar bezwaar tegen de tweede uitspraak op bezwaar, en subsidiair de hoogte van het verrekenbare verlies per ultimo 2020. De rechtbank overweegt dat de e-mail van 15 september 2023 met bijlage, gelet op onderwerp, inhoud en rechtsmiddelverwijzing, moet worden aangemerkt als uitspraak op bezwaar. Dat deze uitspraak niet op de voorgeschreven wijze is bekendgemaakt, doet niet af aan het feit dat de bezwaarprocedure daarmee is geëindigd. Op grond van vaste jurisprudentie is een tweede uitspraak op bezwaar niet mogelijk. Het beroep tegen de tweede uitspraak van 11 januari 2024 is daarom niet-ontvankelijk. De rechtbank komt niet toe aan een inhoudelijke beoordeling van de hoogte van de verrekenbare verliezen. De inspecteur is gebonden aan de toezegging in de eerste uitspraak op bezwaar.
(Beroep niet-ontvankelijk).