Naheffingsaanslagen parkeerbelasting Breda vernietigd wegens tijdige betaling parkeervergunning
Naheffingsaanslagen parkeerbelasting Breda vernietigd wegens tijdige betaling parkeervergunning
Gegevens
- Nummer
- 2026/315
- Publicatiedatum
- 25 februari 2026
- Auteur
- Redactie
- Rubriek
- Heffing lokale overheden
- Relevante informatie
Belanghebbende is eigenaar van een auto die op verschillende data geparkeerd stond in een parkeervak in Breda . Voor deze auto was een parkeervergunning verleend, die jaarlijks door belanghebbende zelf moest worden verlengd. De gemeente Breda heeft belanghebbende eind december 2022 een factuur gestuurd voor verlenging van de parkeervergunning, gevolgd door een betalingsherinnering op 9 januari 2023, met een betalingstermijn tot 26 januari 2023. Na controle heeft de heffingsambtenaar zes naheffingsaanslagen parkeerbelasting opgelegd, omdat volgens hem geen parkeerbelasting was voldaan.
In geschil is of belanghebbende de verschuldigde parkeerbelasting tijdig heeft voldaan en of de naheffingsaanslagen terecht zijn opgelegd. De rechtbank stelt vast dat belanghebbende met een bankafschrift heeft aangetoond dat het verschuldigde bedrag voor de verlenging van de parkeervergunning op 26 januari 2023, dus binnen de gestelde termijn, is betaald. De heffingsambtenaar heeft geen verweerschrift ingediend en is niet ter zitting verschenen, waardoor de stellingen van belanghebbende onweersproken zijn gebleven. De rechtbank acht de tekst van de uitspraken op bezwaar bovendien innerlijk tegenstrijdig en niet in overeenstemming met de feiten. Ook heeft de rechtbank vastgesteld dat de heffingsambtenaar niet aannemelijk heeft gemaakt dat de naheffingsaanslagen terecht zijn opgelegd. Verder merkt de rechtbank op dat de heffingsambtenaar niet heeft voldaan aan de verplichting tot het overleggen van op de zaak betrekking hebbende stukken.
(Beroep gegrond.)