Formele grieven over maximale parkeerduur, bekendmaking en kostenraming parkeerbelasting slagen niet

Formele grieven over maximale parkeerduur, bekendmaking en kostenraming parkeerbelasting slagen niet

Gegevens

Nummer
2026/342
Publicatiedatum
3 maart 2026
Auteur
Redactie
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2025:19820
Rubriek
Heffing lokale overheden
Relevante informatie

Belanghebbende parkeert zijn auto op een plek waar betaald parkeren geldt. Op 21 juli 2024 om 00:52 uur staat het kenteken niet meer aangemeld op de bezoekersparkeervergunning, terwijl op 20 juli 2024 tot 23:59 uur wel een aanmelding liep. De gemeente legt een naheffingsaanslag parkeerbelasting op.

In geschil is of de naheffingsaanslag terecht is opgelegd wegens het verstrijken van de maximale aanmeldduur, of de bijlage bij de Regeling parkeerregulering en parkeerbelastingen Den Haag 2022 rechtsgeldig is bekendgemaakt, of de kosten van € 76,70 per naheffingsaanslag te hoog zijn, en of de uitspraak op bezwaar voldoende is gemotiveerd.

De rechtbank oordeelt dat de naheffingsaanslag terecht is opgelegd. Op het moment van controle was het kenteken niet meer aangemeld en was geen parkeerbelasting betaald. Het is de verantwoordelijkheid van de parkeerder om zich op de hoogte te stellen van de regels omtrent het gebruik van een bezoekersvergunning. De parkeerapp biedt de mogelijkheid tot handmatige aanmelding en afmelding. De auto is automatisch afgemeld om 24:00 uur, waardoor voor het parkeren op 21 juli 2024 opnieuw had moeten worden aangemeld.

Ten aanzien van de bekendmaking van de bijlage bij de Regeling stelt de rechtbank dat deze via officielebekendmakingen.nl als pdf-bestand toegankelijk is en als onderdeel van het gemeenteblad is gepubliceerd. Daarmee is voldaan aan de eisen van art. 6 van de Bekendmakingswet; de toegankelijkheid en kenbaarheid zijn optimaal gewaarborgd.

Wat betreft de kosten van de naheffingsaanslag volgt de rechtbank het oordeel van hof Den Haag dat kosten die meer dan zijdelings verband houden met de inning van niet-betaalde parkeerbelasting volledig mogen worden toegerekend. De kostenraming voldoet aan de eisen van het Besluit gemeentelijke parkeerbelastingen en de toelichting van de gemeente is voldoende. De stellingen van belanghebbende over de kwalificatie van kostenposten, het overheadpercentage, het aantal naheffingsaanslagen en de programmabegroting geven geen aanleiding tot een ander oordeel.

(Beroep ongegrond.)