Standpunt doorschuiffaciliteit bij negatieve winst tot 1 januari 2025 bij cv zonder voorafgaand verliesjaar

Standpunt doorschuiffaciliteit bij negatieve winst tot 1 januari 2025 bij cv zonder voorafgaand verliesjaar

Gegevens

Nummer
2026/412
Publicatiedatum
16 maart 2026
Auteur
Redactie
Rubriek
Vennootschapsbelasting/Dividendbelasting
Relevante informatie

De Kennisgroep reorganisatiefaciliteiten en fiscale eenheden en de Kennisgroep bijzondere winstbepalingen vpb hebben in het kader van de doorschuiffaciliteit van artikel X WFKR vragen beantwoord voor de situatie dat bij een commanditaire vennoot zonder voorafgaand verliesjaar sprake is van behaalde of opgebouwde negatieve winst tot 1 januari 2025.

  • In het kader van een aandelenfusie als bedoeld in artikel XII, tweede lid, Wet fiscaal kwalificatiebeleid rechtsvormen, verwerft de daartoe in de loop van 2024 opgerichte besloten vennootschap A BV in datzelfde jaar het aandeel van een commanditaire vennoot (natuurlijk persoon) in een open commanditaire vennootschap.

  • A BV heeft in het kalenderjaar 2024 al enkele kosten gemaakt. De winst behaald tot 1 januari 2025 is daardoor negatief.

  • A BV doet haar eerste aangifte vennootschapsbelasting over een verlengd eerste boekjaar dat loopt tot en met 31 december 2025.

  • Op grond van artikel IX, eerste lid, WFKR  wordt de open commanditaire vennootschap geacht onmiddellijk voorafgaand aan 1 januari 2025 al haar vermogensbestanddelen aan de participanten – waaronder A BV – te hebben overgedragen.

  • Om de met deze fictieve vervreemding behaalde winst niet in aanmerking te nemen wordt een beroep gedaan op de doorschuiffaciliteit van artikel X WFKR.

  • Voor de doorschuiffaciliteit zonder verzoek op grond van artikel X, eerste lid, WFKR is onder meer vereist dat bij de commanditaire vennoten geen aanspraak bestaat op voorwaartse verrekening van verliezen op de voet van artikel 20 Wet op de vennootschapsbelasting 1969 (hierna: Wet Vpb 1969). Bestaat wel een dergelijke aanspraak dan moet, om gebruik te kunnen maken van de doorschuiffaciliteit, alleen om die reden al een (tijdig) verzoek worden gedaan als bedoeld in artikel X, tweede lid, WFKR.

Vragen

  1. Heeft A BV als gevolg van de tot 1 januari 2025 behaalde negatieve winst een aanspraak op voorwaartse verrekening van verliezen op de voet van artikel 20 Wet Vpb 1969, als bedoeld in artikel X, eerste lid, WFKR?

  2. Luidt het antwoord op vraag 1 anders indien A BV een eerste boekjaar heeft dat loopt tot en met 31 december 2024?

  3. Luidt het antwoord op vraag 1 anders indien A BV een bestaande vennootschap is, zonder voorafgaand verliesjaar?

  4. Luiden de antwoorden op vraag 1 tot en met 3 anders indien het bij A BV niet om daadwerkelijk behaalde negatieve winsten gaat, maar er tot 1 januari 2025 wel sprake is van negatieve stille reserves?

Antwoorden

  1. Nee. De negatieve winst behaald tot 1 januari 2025 vormt voor A BV geen aanspraak op voorwaartse verrekening van verliezen op de voet van artikel 20 Wet Vpb 1969 als bedoeld in artikel X, eerste lid, WFKR.

  2. Nee.

  3. Nee.

  4. Nee.