Werkelijk (gerealiseerd en ongerealiseerd) rendement niet inzichtelijk gemaakt, dus, aanslag conform forfaitair rendement

Werkelijk (gerealiseerd en ongerealiseerd) rendement niet inzichtelijk gemaakt, dus, aanslag conform forfaitair rendement

Gegevens

Nummer
2026/444
Publicatiedatum
24 maart 2026
Auteur
Redactie
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2026:1329
Rubriek
Inkomsten uit vermogen/Inkomen uit sparen en beleggen
Relevante informatie

Belanghebbende woont in 2018 samen met haar fiscaal partner. Belanghebbende bezit banktegoeden, beleggingen en buitenlands onroerend goed. Voor het jaar 2018 is een aanslag IB/PVV opgelegd, waarbij het inkomen uit sparen en beleggen (box 3) aanvankelijk is vastgesteld op € 40.122 en later ambtshalve verminderd tot € 38.807, mede na bezwaar en toepassing van de Herstelwet box 3. De rechtbank heeft het beroep van belanghebbende gegrond verklaard en de aanslag verder verminderd tot een box 3-inkomen van € 16.294, omdat zij van oordeel was dat bij het bepalen van het werkelijk rendement alleen gerealiseerde rente- en dividendinkomsten meetellen, niet ongerealiseerde koersverliezen.

In geschil is of belanghebbende aannemelijk heeft gemaakt dat het werkelijk rendement op haar vermogen in 2018 lager is dan € 38.807. Het hof oordeelt, in lijn met recente arresten van de Hoge Raad van 6 juni 2024, dat het werkelijk rendement in box 3 wordt bepaald door het saldo van positieve en negatieve resultaten op het gehele vermogen, zonder aftrek van kosten. De bewijslast dat dat werkelijke rendement lager is dan het forfaitaire rust op belanghebbende. Belanghebbende heeft cijfers over dividend en waardeontwikkeling van haar beleggingsportefeuilles verstrekt, maar deze niet onderbouwd met schriftelijke bescheiden en niet inzichtelijk gemaakt in hoeverre waardeveranderingen zijn toe te rekenen aan stortingen of onttrekkingen. Ook kan bij het bepalen van het werkelijk rendement geen rekening worden gehouden met beheerkosten. Het hof acht daarom niet aannemelijk dat het werkelijk rendement in 2018 lager is dan het forfaitair berekende rendement. Het hoger beroep van de inspecteur is gegrond en de aanslag wordt vastgesteld conform de ambtshalve vermindering.

(Hoger beroep gegrond.)