Standpunt toepassing artikel 3.26 Wet IB 2001
Standpunt toepassing artikel 3.26 Wet IB 2001
Gegevens
- Nummer
- 2026/461
- Publicatiedatum
- 26 maart 2026
- Auteur
- Redactie
- Rubriek
- Winst
- Relevante informatie
De Kennisgroep winstbepaling heeft een standpunt ingenomen over de toepassing van artikel 3.26 van de Wet Inkomstenbelasting 2001.
X BV heeft werknemers voor wie deelname aan een bedrijfstakpensioenfonds verplicht is gesteld. Het fonds heeft echter een vrijstelling (dispensatie) verleend aan X BV. X BV heeft voor haar werknemers een gedispenseerde (middelloon-)pensioenregeling bij een verzekeraar afgesloten.
Een van de voorwaarden van de vrijstelling is dat de gedispenseerde pensioenregeling gelijkwaardig is aan de pensioenregeling van het fonds. Een van de elementen van die gelijkwaardigheid is dat de aanspraak in de gedispenseerde pensioenregeling wordt geïndexeerd. Voor de omvang van de indexatie wordt aangesloten bij de indexatie die het fonds doorvoert voor haar (gewezen) deelnemers en gepensioneerde deelnemers.
Op enig moment in het jaar besluit het fonds over te gaan tot indexatie van de pensioenaanspraken. De omvang van de indexatie is gebaseerd op prijsstijgingen die zich al hebben voorgedaan. De pensioenaanspraken worden per 1 januari van het jaar t+1 verhoogd. Om gelijkwaardig te blijven, wordt de pensioenaanspraak van de gedispenseerde pensioenregeling eveneens op 1 januari van het jaar t+1 geïndexeerd. In het jaar t+1 betaalt X BV daarom een aanvullende koopsom aan de verzekeraar. X BV vormt in het jaar t een voorziening voor de aanvullende koopsom. De omvang van de aanvullende koopsom is bepaalbaar eind jaar t.
Vraag
Wordt de dotatie aan de voorziening temporeel in aftrek beperkt door artikel 3.26 van de Wet IB 2001?
Antwoord
Nee, de dotatie aan de voorziening wordt niet temporeel in aftrek beperkt door artikel 3.26 Wet IB 2001.