‘KGS doet geen afbreuk aan bedoeling familievrijstelling’
‘KGS doet geen afbreuk aan bedoeling familievrijstelling’
Gegevens
- Nummer
- 2026/752
- Publicatiedatum
- 12 mei 2026
- Auteur
- Redactie
- Rubriek
- Belastingen van rechtsverkeer
- Relevante informatie
Staatssecretaris Eerenberg beantwoordt Kamervragen over het bericht ‘Belastingdienst zet agrarische bedrijfsopvolging op slot’ aan de Tweede Kamer.
Gefaseerde bedrijfsoverdrachten komen in de agrarische sector regelmatig voor en kunnen meerdere jaren duren. Voor overdracht van een onderneming binnen de familie geldt onder voorwaarden een vrijstelling van overdrachtsbelasting. Deze familievrijstelling is bedoeld om overdracht tijdens het leven van de ondernemer mogelijk te maken, zodat versnippering bij overlijden wordt voorkomen.
Volgens de staatssecretaris kan de vrijstelling ook worden toegepast als een onderneming in fasen wordt overgedragen aan een kwalificerende overnemer, bijvoorbeeld een kind. Voorwaarde is wel dat de gehele onderneming uiteindelijk wordt verkregen en voortgezet.
Inbreng in bv tijdens overdracht
De discussie draait om situaties waarin een ondernemer tijdens een gefaseerde overdracht het al verkregen deel van de onderneming inbrengt in een bv. Volgens het kennisgroepstandpunt van de Belastingdienst wordt de eerder toegepaste vrijstelling dan teruggenomen. Een bv behoort namelijk niet tot de groep van kwalificerende verkrijgers.
De staatssecretaris licht toe dat bij een tussentijdse inbreng nog geen sprake is van voortzetting van de gehele onderneming, omdat de bedrijfsoverdracht nog niet is voltooid. Pas nadat de volledige onderneming is overgedragen, kan een goedkeuring gelden waarbij de onderneming wordt ingebracht in een bv waarvan de overnemer alle aandelen houdt.
Volgens het kabinet doet het standpunt geen afbreuk aan de bedoeling van de familievrijstelling. Het betreft volgens de staatssecretaris wetstoepassing op basis van de huidige regelgeving.
Gesprek met de sector
Het kabinet erkent dat ondernemers bedrijfseconomische redenen kunnen hebben om een onderneming in een bv onder te brengen, bijvoorbeeld vanwege investeringsplannen of beperking van persoonlijke aansprakelijkheid. Tegelijk benadrukt de staatssecretaris dat ondernemers vrij zijn in de keuze van rechtsvorm en inrichting van de bedrijfsoverdracht, maar dat aan vrijstellingen voorwaarden zijn verbonden.
De Belastingdienst zal het standpunt bespreken in het Platform Landbouw. Daarnaast wordt de vrijstelling meegenomen in een evaluatie van vrijstellingen in de overdrachtsbelasting. De resultaten daarvan worden in de eerste helft van 2027 aan de Kamer aangeboden.