Ga verder naar content

Wet bereikbaarheid en mobiliteit

Geldig van 1 november 2015 tot 15 maart 2016
Geldig van 1 november 2015 tot 15 maart 2016

Wet bereikbaarheid en mobiliteit

Opschrift

[Tekst geldig vanaf 01-11-2015 tot 15-03-2016]
[Regeling ingetrokken per 15-03-2016]

Aanhef

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben dat het wenselijk is ter verbetering van de bereikbaarheid van economische en andere centra over de weg en ter stroomlijning van de mobiliteit regels te stellen voor het heffen van mobiliteitstarieven ter zake van het rijden op de weg met een motorrijtuig, alsmede regels te stellen inzake de ondersteuning van regionale mobiliteitsfondsen;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Hoofdstuk 1. Inleidende bepalingen

Artikel 1

In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

  1. Onze Minister: Onze Minister van Verkeer en Waterstaat;

  2. motorrijtuig: een motorrijtuig als bedoeld in artikel 2, onderdeel a, van de Wet op de motorrijtuigenbelasting 1994;

  3. mobiliteitstarief: een tarief als bedoeld in de artikelen 13, 21 en 26;

  4. betaalpoort: het geheel van werken en andere voorzieningen op en aan de weg dat ertoe strekt een mobiliteitstarief te heffen;

  5. expresbaan: een verkeersbaan, bestemd voor één rijrichting, van een weg die nog een andere verkeersbaan, bestemd voor dezelfde rijrichting, omvat, en waar het gebruik van de expresbaan aan een heffing kan zijn onderworpen die er toe strekt dat het verkeer op de expresbaan geen reistijd verliest wegens congestie;

  6. tolweg: een weg waar ten behoeve van de bekostiging van de weg verkeersdeelnemers wegens het gebruik van de weg een specifieke bijdrage verschuldigd zijn;

  7. tolbaan: een verkeersbaan, bestemd voor één rijrichting, van een weg die nog een andere verkeersbaan, bestemd voor dezelfde rijrichting, omvat, en waar ten behoeve van de bekostiging van de tolbaan verkeersdeelnemers wegens het gebruik van de tolbaan een specifieke bijdrage verschuldigd zijn.

Artikel 2

1.

Deze wet is uitsluitend van toepassing op wegen die openbaar zijn in de zin van de Wegenwet.

2.

Bij de toepassing van deze wet wordt de bij regeling van Onze Minister aangewezen EG-richtlijn in acht genomen.

3.

Een wijziging van de richtlijn, bedoeld in het tweede lid, gaat voor de toepassing van dit hoofdstuk gelden met ingang van de dag waarop aan de betrokken wijzigingsrichtlijn uitvoering moet zijn gegeven, tenzij bij ministerieel besluit, dat in de Staatscourant wordt bekendgemaakt, een ander tijdstip wordt vastgesteld.

Hoofdstuk 2. Mobiliteitstarieven

§ 2.1. Algemene bepalingen

Artikel 3

Artikel 4

Artikel 5

Artikel 6

Artikel 7

Artikel 8

Artikel 9

Artikel 10

Artikel 11

Artikel 12

§ 2.2. Expresbaantarief

Artikel 13

Artikel 14

Artikel 15

Artikel 16

Artikel 17

Artikel 18

Artikel 19

Artikel 20

§ 2.3. Toltarief

Artikel 21

Artikel 22

Artikel 23

Artikel 24

Artikel 25

§ 2.4. Kilometerheffing

Artikel 26

§ 2.5. Nadere regelgeving

Artikel 27

Hoofdstuk 3. Regionale mobiliteitsfondsen

Artikel 28

Hoofdstuk 4. Totstandbrenging van betaalpoorten

Artikel 29

Artikel 30

Artikel 31 [Vervallen per 01-07-2008]

Artikel 32

Artikel 33 [Vervallen per 01-01-2013]

Artikel 34

Artikel 35

Artikel 36

Artikel 37

Artikel 38

Hoofdstuk 5. Gefaseerde toepassing en evaluatie

Artikel 39

Artikel 40

Artikel 41

Hoofdstuk 6. Overige bepalingen en slotbepaling

Artikel 42

Artikel 43

Artikel 44

Artikel 45

Artikel 46

Artikel 47

Artikel 48

Artikel 49

Artikel 50

Artikel 51