sociale huurwoning: huurwoning met een aanvangshuurprijs onder de grens als bedoeld in artikel 13, eerste lid, onder a, van de Wet op de huurtoeslag;
Besluit Woningbouwimpuls 2020
Besluit Woningbouwimpuls 2020
Opschrift
Aanhef
Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister voor Milieu en Wonen van 13 maart 2020, nr. 2020-0000139923;
Gelet op artikel 81, tweede lid, van de Woningwet;
De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 29 april 2020, No.W04.20.0061/I);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties van 7 mei 2020, nr. 2020-0000185061;
Hebben goedgevonden en verstaan:
Artikel 1. Begripsbepalingen
In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:
aanvraagtijdvak: de termijn waarbinnen een aanvraag voor een specifieke uitkering kan worden ingediend;
betaalbare woning:
- 1°.
- 2°
huurwoning voor middenhuur: huurwoning met een aanvangshuurprijs van ten minste het bedrag, bedoeld in artikel 13, eerste lid, onder a, van de Wet op de huurtoeslag, en ten hoogste:
het bedrag als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van het Besluit huurprijzen woonruimte; of
het onder i bedoelde bedrag met inbegrip van een vermeerdering als bedoeld in artikel 8a, eerste, derde, vierde of vijfde lid, voor zover het gaat om een huurwoning als bedoeld in die leden;
- 3°
betaalbare koopwoning: koopwoning met een koopprijs vrij op naam bij eerste verkoop van ten hoogste de geïndexeerde bovengrens, bedoeld in artikel 7, vierde lid, van de Huisvestingswet 2014;
- 1°.
college: college van burgemeester en wethouders;
Onze Minister: Onze Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening;
project: project als bedoeld in artikel 2, eerste lid.
Artikel 2. Activiteiten waarvoor een uitkering kan worden verstrekt
Onze Minister kan op aanvraag van een college een specifieke uitkering verstrekken aan de gemeente voor bijdragen in projecten die:
Het realiseren of het versnellen van de bouw van een substantieel aantal betaalbare woningen in een kwalitatief goede leefomgeving tot doel hebben;
Nog niet in de uitvoerende fase zijn;
Binnen afzienbare tijd opgestart kunnen worden; en
Door de bij het project betrokken partijen zelf van een substantiële financiële bijdrage worden voorzien.
Artikel 3. Uitkeringsplafond
Onze Minister stelt het bedrag vast dat ten behoeve van de aanvragen in een aanvraagtijdvak bedoeld in artikel 4, eerste lid, ten hoogste aan specifieke uitkeringen kan worden verstrekt, en maakt dit tegelijk met de bekendmaking van het aanvraagtijdvak bekend.
Specifieke uitkeringen worden per aanvraagtijdvak toegekend op volgorde van de rangschikking, bedoeld in artikel 5, eerste lid.