Home

Wet bevordering digitale weerbaarheid bedrijven

Geldig vanaf 1 oktober 2024
Geldig vanaf 1 oktober 2024

Wet bevordering digitale weerbaarheid bedrijven

Opschrift

[Tekst geldig vanaf 01-10-2024]

Aanhef

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de weerbaarheid van niet-vitale bedrijven te versterken tegen digitale dreigingen;

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

  • aanbieder: aanbieder als bedoeld in artikel 1 van de Wet beveiliging netwerk- en informatiesystemen;

  • bedrijf: in Nederland gevestigde natuurlijke persoon of privaatrechtelijke rechtspersoon die bedrijfsmatige activiteiten uitvoert, niet zijnde vitale aanbieders of digitaledienstverleners als bedoeld in artikel 1 van de Wet beveiliging netwerk- en informatiesystemen;

  • CSIRT voor digitale diensten: CSIRT voor digitale diensten als bedoeld in artikel 1 van de Wet beveiliging netwerk- en informatiesystemen;

  • incident: incident als bedoeld in artikel 4, onder 7, van de NIB-richtlijn;

  • netwerk- en informatiesysteem: netwerk- en informatiesysteem als bedoeld in artikel 4, onder 1, van de NIB-richtlijn;

  • NIB-richtlijn: richtlijn (EU) 2016/1148 van het Europees Parlement en de Raad van 6 juli 2016 houdende maatregelen voor een hoog gemeenschappelijk niveau van beveiliging van netwerk- en informatiesystemen in de Unie (PbEU 2016, L 194);

  • Onze Minister: Onze Minister van Economische Zaken en Klimaat.

Artikel 2. Taken van Onze Minister

1.

Onze Minister heeft, ter versterking van de digitale weerbaarheid van bedrijven, de volgende taken:

  1. het analyseren en het onderzoeken van gegevens over kwetsbaarheden, dreigingen en incidenten die betrekking kunnen hebben op netwerk- en informatiesystemen van bedrijven;

  2. het informeren en adviseren van bedrijven over kwetsbaarheden, dreigingen en incidenten die betrekking kunnen hebben op hun netwerk- en informatiesystemen;

  3. indien relevant het verstrekken van ingevolge onder a verkregen gegevens aan bedrijven.

2.

Voorts heeft Onze Minister, ter verdere versterking van de digitale weerbaarheid van de Nederlandse samenleving of ter voorkoming van nadelige maatschappelijke gevolgen in en buiten Nederland, de volgende taken:

  1. het stimuleren van de ontwikkeling van samenwerkingsverbanden tussen bedrijven op het gebied van digitale weerbaarheid;

  2. samenwerken met bestuursorganen en rechtspersonen op het gebied van digitale weerbaarheid;

  3. het verstrekken van ingevolge het eerste lid, onder a, verkregen gegevens over dreigingen en incidenten aan de Minister van Justitie en Veiligheid, ten behoeve van de uitvoering van diens taken, bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de Wet beveiliging netwerk- en informatiesystemen;

  4. het verstrekken van ingevolge het eerste lid, onder a, verkregen gegevens over dreigingen en incidenten aan het CSIRT voor digitale diensten, ten behoeve van de uitvoering van diens taken, bedoeld in artikel 4, vierde lid, van de Wet beveiliging netwerk- en informatiesystemen.

Artikel 3. Verstrekking gegevens aan Onze Minister

1.

Onze Minister kan een rechtspersoon of een orgaan daarvan verzoeken om gegevens te verstrekken die noodzakelijk zijn voor de vervulling van de in artikel 2, eerste lid, genoemde taken.

2.

De rechtspersoon of het orgaan kan op grond van het eerste lid gevraagde persoonsgegevens ook aan Onze Minister verstrekken als die verstrekking onverenigbaar is met de doeleinden waarvoor de persoonsgegevens zijn verzameld.

Artikel 4. Verstrekking van vertrouwelijke gegevens door Onze Minister

Artikel 5. (wijziging Wet beveiliging netwerk- en informatiesystemen )

Artikel 6. (wijziging Wet open overheid )

Artikel 7. (toepasselijkheid in Caribisch Nederland)

Artikel 8. (inwerkingtreding)

Artikel 9. (citeertitel)