Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 14-06-2023, ECLI:NL:RBZWB:2023:4126, 22/3548
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 14-06-2023, ECLI:NL:RBZWB:2023:4126, 22/3548
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum uitspraak
- 14 juni 2023
- Datum publicatie
- 21 juni 2023
- Zaaknummer
- 22/3548
- Relevante informatie
- Art. 7.8 Wet IB 2001, Art. 16 AWR
Inhoudsindicatie
niet kwalificerende buitenlandse belastingplichtige geen recht op heffingskortingen volgens unierecht
Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Zittingsplaats Breda
Belastingrecht
zaaknummer: BRE 22/3548
[belanghebbende], uit [plaats] (Duitsland), belanghebbende,
en
de inspecteur van de belastingdienst, de inspecteur.
Inleiding
1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van belanghebbende tegen de uitspraak op bezwaar van de inspecteur van 12 juli 2022.
De inspecteur heeft aan belanghebbende voor het jaar 2020 een navorderingsaanslag inkomstenbelasting (IB) opgelegd en daarbij belastingrente in rekening gebracht.
De inspecteur heeft het bezwaar van belanghebbende ongegrond verklaard.
De rechtbank heeft de beroepen op 3 mei 2023 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: belanghebbende en haar echtgenoot [echtgenoot] en, namens de inspecteur, [inspecteur].
Tegelijk zijn op de zitting behandeld de zaken bij de rechtbank bekend met zaaknummer 22/1704, 22/1705, 22/2678 tot en met 22/2684 en 22/3548.