Home

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 08-11-2023, ECLI:NL:RBZWB:2023:7863, 21/5833

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 08-11-2023, ECLI:NL:RBZWB:2023:7863, 21/5833

Gegevens

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
8 november 2023
Datum publicatie
6 december 2023
ECLI
ECLI:NL:RBZWB:2023:7863
Zaaknummer
21/5833
Relevante informatie
Art. 8:26 Awb, Art. 2.17 Wet IB 2001, Art. 30ia AWR

Inhoudsindicatie

Geen rechtsgeldige ingebrekestelling per mail. Geen afzonderlijke rentevergoeding na wijzigen van de verhouding van de grondslag sparen en beleggen tussen partners.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Zittingsplaats Middelburg

Belastingrecht

zaaknummer: BRE 21/5833

[belanghebbende] uit [plaats] , belanghebbende,

(gemachtigde [gemachtigde] ),

en

de inspecteur van de Belastingdienst, de inspecteur.

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van belanghebbende tegen de uitspraak op bezwaar van de inspecteur van 6 januari 2022.

1.1.

De inspecteur heeft op 24 juli 2021 aan belanghebbende een navorderingsaanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV) over het jaar 2019 opgelegd naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 66.695 en een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 349.484 (de navorderingsaanslag). Gelijktijdig heeft de inspecteur bij beschikking € 3.198 belastingrente in rekening gebracht (de rentebeschikking).

De inspecteur had aan [naam] , de echtgenote van belanghebbende, voorlopige aanslagen voor het jaar 2019 opgelegd. Op 11 mei 2021 heeft de inspecteur haar een (definitieve) aanslag opgelegd met een te betalen bedrag van € 94.856 (waaronder € 2.685 aan belastingrente). Op 16 juli 2021 heeft de inspecteur deze aanslag verminderd waardoor er geen te betalen bedrag meer resteerde.

1.2.

Belanghebbende is in bezwaar gekomen tegen de hem opgelegde navorderingsaanslag en de rentebeschikking. De inspecteur heeft het bezwaar ongegrond verklaard.

1.3.

De rechtbank heeft het beroep op 20 september 2022 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen belanghebbende, de gemachtigde en ter bijstand [naam] , en namens de inspecteur mr. [inspecteur 1] en mr. [inspecteur 2]. De rechtbank heeft het beroep aangehouden.

1.4.

De inspecteur heeft op 24 februari 2023 in navolging van het arrest van de Hoge Raad van 24 december 20211 (het Kerstarrest) en het Besluit rechtsherstel box 32 en de Wet rechtsherstel box 33 de navorderingsaanslag verminderd. Daarbij is het belastbare inkomen uit sparen en beleggen verlaagd tot € 189.426. Het bedrag van de belastingrente is dienovereenkomstig verminderd tot € 1.532.

1.5.

Het beroep is op de nadere zitting van 27 september 2023 behandeld. Hieraan hebben deelgenomen belanghebbende, de gemachtigde en ter bijstand [naam] , en namens de inspecteur mr. [inspecteur 1] en mr. [inspecteur 2]. De gemachtigde en de inspecteur hebben kort voor de zitting nadere stukken toegestuurd.

Beoordeling door de rechtbank

Feiten

Motivering

Conclusie en gevolgen

Beslissing

Informatie over hoger beroep