Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 16-11-2023, ECLI:NL:RBZWB:2023:7936, BRE 22/5992
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 16-11-2023, ECLI:NL:RBZWB:2023:7936, BRE 22/5992
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum uitspraak
- 16 november 2023
- Datum publicatie
- 7 december 2023
- Zaaknummer
- BRE 22/5992
- Relevante informatie
- Art. 1 WA, Art. 2 WA, Art. 51 WA
Inhoudsindicatie
Accijns. Artikel 51 Wet Accijns. Naheffingsaanslag. Voorhanden hebben. Wetenschap geen vereiste. Geen willekeur.
Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Zittingsplaats Breda
Belastingrecht
zaaknummer: BRE 22/5992
[belanghebbende] , uit [woonplaats] , belanghebbende
(gemachtigde: mr. M.C.J. Schoenmakers ),
en
de inspecteur van de Belastingdienst, de inspecteur.
Inleiding
1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van belanghebbende tegen de uitspraak op bezwaar van de inspecteur van 13 december 2022.
De inspecteur heeft aan belanghebbende een naheffingsaanslag accijns opgelegd naar een te betalen bedrag aan accijns van € 13.763 (de naheffingsaanslag). Bij gelijktijdige beschikking heeft de inspecteur € 84 belastingrente in rekening gebracht (de belastingrentebeschikking).
De inspecteur heeft het bezwaar van belanghebbende ongegrond verklaard. Hiertegen heeft belanghebbende tijdig beroep ingesteld.
De inspecteur heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.
Belanghebbende heeft verzocht om te mogen repliceren. De rechtbank heeft belanghebbende hiertoe in de gelegenheid gesteld en belanghebbende heeft een conclusie van repliek ingediend. De inspecteur heeft hierop gereageerd met een conclusie van dupliek.
De rechtbank heeft het beroep op 5 oktober 2023 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: de gemachtigde van belanghebbende en namens de inspecteur mr. dr. [inspecteur 1] en mr. [inspecteur 2] .