Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 27-11-2025, ECLI:NL:RBZWB:2025:8378, BRE 24/7139 en 24/7140
Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 27-11-2025, ECLI:NL:RBZWB:2025:8378, BRE 24/7139 en 24/7140
Gegevens
- Instantie
- Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum uitspraak
- 27 november 2025
- Datum publicatie
- 4 december 2025
- Zaaknummer
- BRE 24/7139 en 24/7140
- Relevante informatie
- Art. 9 Wet OB 1968, Tabel I post b.14 Wet OB 1968, Art. 67c AWR
Inhoudsindicatie
Artikel 9, tweede lid, onderdeel a, van de Wet op de omzetbelasting 1968 in combinatie met post b.14, letter d, van Tabel 1 bij de Wet op de omzetbelasting 1968. Gelet op het geheel van feiten en omstandigheden voldoet belanghebbende aan de omschrijving opgenomen in het Besluit van 31 maart 2022, nr. 2022-6334. Het programma bestaat uit uiteenlopende shows en/of optredens waarbij de nadruk voor de bezoeker ligt op het in persoon meemaken van de normaliter alleen online bestaande digitale gemeenschap en om bekende streamers 'in het echt' aan het werk te zien. De beroepen zijn dus gegrond.
Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Zittingsplaats Breda
Belastingrecht
zaaknummers: BRE 24/7139 en 24/7140
uitspraak van de meervoudige kamer van 27 november 2025 in de zaken tussen
[belanghebbende] Inc., gevestigd te [plaats] (de Verenigde Staten), belanghebbende,
(gemachtigden: mr. F.J. Manzoni en mr. M.L. Al-Saady),
en
de inspecteur van de Belastingdienst, de inspecteur.
Inleiding
1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank de beroepen van belanghebbende tegen de uitspraken op bezwaar van 6 september 2024.
De inspecteur heeft aan belanghebbende naheffingsaanslagen omzetbelasting opgelegd over de tijdvakken gelegen in de periode 1 april 2022 tot en met 30 juni 2022 (Q2) en 1 juli 2022 tot en met 30 september 2022 (Q3) (de naheffingsaanslagen). Bij gelijktijdige beschikkingen heeft de inspecteur belastingrente in rekening gebracht en verzuimboetes aan belanghebbende opgelegd. Dit kan als volgt worden samengevat:
|
Tijdvak |
Dagtekening |
Aanslagnummer |
Belasting |
Verzuimboete |
Rente |
|
2022 Q2 |
28 februari 2024 |
[aanslagnummer] .F.01.2241 |
€ 111.179 |
€ 5.514 |
€ 7.249 |
|
2022 Q3 |
28 februari 2024 |
[aanslagnummer] .F.01.2271 |
€ 9.911 |
€ 991 |
€ 646 |
De inspecteur heeft het bezwaar tegen de naheffingsaanslag met aanslagnummer [aanslagnummer] .F.01.2241 en de daarbij behorende belastingrentebeschikking en verzuimboete, ongegrond verklaard.
De inspecteur heeft het bezwaar tegen de naheffingsaanslag met aanslagnummer [aanslagnummer] .F.01.2271 en de daarbij behorende belastingrentebeschikking ongegrond verklaard en heeft het bezwaar tegen de daarbij opgelegde boetebeschikking gegrond verklaard. Alleen deze verzuimboete is vernietigd bij uitspraak op bezwaar.
De rechtbank heeft de beroepen op 4 september 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen namens belanghebbende: [naam 1] , vergezeld van
[naam 2] als tolk en de gemachtigden van belanghebbende, tot bijstand vergezeld van mr. F.J.J. van Eysinga. Namens de inspecteur hebben mr. [inspecteur 1] , [inspecteur 2] en [inspecteur 3] deelgenomen.
Van het verhandelde ter zitting is een proces-verbaal opgesteld waarvan een afschrift gelijktijdig met de uitspraak naar partijen wordt verzonden.