Home

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 09-02-2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:764, 24/4333

Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 09-02-2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:764, 24/4333

Gegevens

Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Datum uitspraak
9 februari 2026
Datum publicatie
9 maart 2026
ECLI
ECLI:NL:RBZWB:2026:764
Zaaknummer
24/4333
Relevante informatie
Art. 16 AWR, Art. 52 AWR, Art. 67e AWR, BBBB 1998, Art. 27h AWR, Art. 28 AWR, AWR, BPB

Inhoudsindicatie

en 24/4334. Voortvarend handelen. Ambtelijk verzuim. Voor het jaar 2017 is sprake van een ambtelijk verzuim waardoor de inspecteur niet kon navorderen op grond van een nieuw feit. Voor het jaar 2018 heeft de inspecteur niet doen blijken dat door het grofschuldig handelen van belanghebbende te weinig belasting is geheven. Beroepen gegrond.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Zittingsplaats Breda

Belastingrecht

zaaknummers: BRE 24/4333 en 24/4334

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 9 februari 2026 in de zaken tussen

[belanghebbende] , uit [woonplaats] , belanghebbende,

(gemachtigde: mr. M. van Leeuwen),

en

de inspecteur van de Belastingdienst, de inspecteur,

en

de Staat der Nederlanden (de minister van Justitie en Veiligheid), de Staat.

Inleiding

Beoordeling door de rechtbank

Feiten

“2.3.1Bewaarplicht

Overwegingen

Conclusie en gevolgen

Beslissing

Informatie over hoger beroep