Schenking aandelen door voormalig aandeelhouder aan directeur geen loon uit dienstbetrekking

Schenking aandelen door voormalig aandeelhouder aan directeur geen loon uit dienstbetrekking

Gegevens

Nummer
2026/338
Publicatiedatum
2 maart 2026
Auteur
Redactie
ECLI
ECLI:NL:RBNNE:2026:213
Rubriek
Arbeid, loon en resultaat
Relevante informatie

Belanghebbende is sinds 2007 onafgebroken werkzaam voor een concern, laatstelijk als directeur. Op 17 juni 2022 ontvangt hij van de voormalig enig aandeelhouder alle aandelen in de houdstervennootschap van het concern, ten titel van schenking en onder voorwaarden, waaronder een doorgeefverplichting en ontbindende voorwaarden die zijn vastgelegd in de notariële akte. De waarde van de aandelen is vastgesteld op € 7.800.000. Belanghebbende heeft geen familie- of vriendschapsband met de schenker. De schenking is ingegeven door continuïteit van de onderneming en het feit dat belanghebbende als directeur de meest geschikte bedrijfsopvolger is.

In geschil is of de waarde van de geschonken aandelen terecht als loon uit dienstbetrekking is aangemerkt door de inspecteur.

De rechtbank stelt voorop dat de aandelen tot het privévermogen van de schenker behoren en niet tot het vermogen van de werkgever of een andere vennootschap binnen het concern. Er is niet gebleken dat de schenker door de werkgever is gecompenseerd voor de verarming door de schenking. De inspecteur heeft geen feiten en omstandigheden aannemelijk gemaakt die rechtvaardigen dat de aandelen als loon van de werkgever moeten worden aangemerkt. Het enkele causale verband tussen het verkregen voordeel en de dienstbetrekking is onvoldoende om het voordeel als loon uit dienstbetrekking te kwalificeren. Uit de getuigenverklaring van de schenker blijkt dat de schenking is ingegeven door de wens om het karakter en de zelfstandigheid van het familiebedrijf te behouden, niet door een beloning voor werkzaamheden van belanghebbende. De aandelen zijn niet ongeclausuleerd verkregen, maar onder voorwaarden en een doorgeefverplichting. De rechtbank overweegt dat niet alle voordelen die zonder dienstbetrekking niet zouden zijn verkregen, ook loon uit dienstbetrekking vormen. Er is geen sprake van loon van derden, omdat de schenker als natuurlijke persoon geen concernmaatschappij is en de werkgever niet de rekening heeft betaald. Ook is er geen sprake van fooien of prestaties van derden, omdat het voordeel niet kan worden beschouwd als vergoeding voor werkzaamheden van belanghebbende.

(Beroep gegrond.)