Terbeschikkingstelling van huisvesting aan werknemers voor vast bedrag per gewerkt uur vormt belaste prestatie voor de btw
Terbeschikkingstelling van huisvesting aan werknemers voor vast bedrag per gewerkt uur vormt belaste prestatie voor de btw
Gegevens
- Nummer
- 2026/488
- Publicatiedatum
- 31 maart 2026
- Auteur
- Redactie
- Rubriek
- Omzetbelasting
- Relevante informatie
Belanghebbende is een in Litouwen gevestigd uitzendbureau dat personeel (steigerbouwers) ter beschikking stelt aan Nederlandse opdrachtgevers. De werknemers, woonachtig in Litouwen, verblijven tijdelijk in Nederland voor hun werkzaamheden. Belanghebbende biedt deze werknemers huisvesting aan, waarvoor een bedrag van € 3 per gewerkt uur (tot een maximum per maand) op het loon wordt ingehouden. Werknemers zijn niet verplicht van deze huisvesting gebruik te maken. Indien zij dat niet doen, ontvangen zij geen vergoeding voor huisvesting. De huisvesting wordt door belanghebbende bij derden afgenomen en bestaat uit vakantiewoningen en eengezinswoningen. Belanghebbende verzoekt om teruggaaf van de aan haar in rekening gebrachte omzetbelasting ter zake van de huisvesting. In geschil is of belanghebbende met het huisvesten van personeel een dienst verricht tegen vergoeding. Het hof oordeelt, in navolging van de rechtbank, dat sprake is van een voldoende rechtstreeks verband tussen de terbeschikkingstelling van woonruimte en de door de werknemer betaalde vergoeding. Het hof stelt vast dat de vergoeding is gebaseerd op een overeenkomst tussen belanghebbende en de werknemer, waarbij de werknemer bij aanvang weet dat de vergoeding afhankelijk is van het aantal gewerkte uren en eenvoudig te berekenen is. Dat de hoogte van de vergoeding varieert met het aantal gewerkte uren, doet volgens het hof niet af aan het rechtstreekse verband tussen prestatie en tegenprestatie. Het hof verwijst daarbij naar recente rechtspraak van het HvJ ( en ECLI:EU:C:2025:816), waaruit volgt dat ook bij variabele vergoedingen sprake kan zijn van een belaste prestatie indien de vergoeding de werkelijke tegenwaarde vormt voor de dienst. Het feit dat familie of vrienden zonder extra vergoeding in de woonruimte kunnen verblijven, acht het hof niet relevant voor de beoordeling. Het hof bevestigt daarmee dat de ingehouden bedragen een vergoeding voor een belaste prestatie zijn.
(Hoger beroep ongegrond.)