Amfetamine- en hennepactiviteiten leiden tot belastbaar resultaat overige werkzaamheden

Amfetamine- en hennepactiviteiten leiden tot belastbaar resultaat overige werkzaamheden

Gegevens

Nummer
2026/508
Publicatiedatum
2 april 2026
Auteur
Redactie
ECLI
ECLI:NL:GHSHE:2026:328
Rubriek
Arbeid, loon en resultaat
Relevante informatie

Belanghebbende is ondernemer en firmant van een vof, waarvan de activiteiten in 2017 zijn gestaakt. In de jaren 2016 t/m 2018 dient hij aangiften IB/PVV in met lage of nihil-inkomsten. Naar aanleiding van een strafrechtelijk onderzoek worden in een gehuurde loods grote hoeveelheden hennep, amfetamine-gerelateerde stoffen, wapens, luxe goederen en contant geld aangetroffen. Belanghebbende wordt strafrechtelijk veroordeeld voor voorbereidingshandelingen en voorhanden hebben van harddrugs en wapens. De inspecteur legt (navorderings)aanslagen IB/PVV en Zvw op, gebaseerd op vermogensvergelijking, schatting van inkomsten uit productie en verkoop van amfetamine en aanschaf van aangetroffen goederen. Tevens worden vergrijpboeten opgelegd. In geschil is of de inspecteur terecht inkomen uit productie en verkoop van amfetamine, inkomen uit onbekende bron voor de aanschaf van aangetroffen goederen en inkomen uit vermogensvergelijking in de belastingheffing heeft betrokken. Het hof volgt het oordeel van de rechtbank dat de inspecteur aannemelijk heeft gemaakt dat belanghebbende meer inkomen heeft genoten dan aangegeven, onder meer door een adequaat opgestelde vermogensvergelijking die een negatief netto privé laat zien. Het hof acht de schatting van inkomsten uit amfetamineproductie en de aanschaf van goederen gebaseerd op concrete en verifieerbare gegevens uit het strafrechtelijk onderzoek en controlerapport redelijk. De bewijslast wordt omgekeerd en verzwaard, omdat belanghebbende niet de vereiste aangiften heeft gedaan. Belanghebbende slaagt er niet in overtuigend aan te tonen dat de schatting van de inspecteur onjuist is of dat hij recht heeft op ondernemersfaciliteiten als zelfstandigenaftrek en startersaftrek. Het hof neemt verder in aanmerking dat belanghebbende onherroepelijk strafrechtelijk is veroordeeld, wat zijn betrokkenheid bij de productie en verkoop van amfetamine en de aangetroffen goederen bevestigt. Ten aanzien van de vergrijpboeten oordeelt het hof dat de inspecteur overtuigend heeft aangetoond dat belanghebbende opzettelijk onjuiste aangiften heeft gedaan, mede gelet op het illegale karakter van de activiteiten en het omvangrijke niet-aangegeven inkomen. De boete over 2017 wordt wegens overschrijding van de redelijke termijn gematigd tot € 24.000. De boete over 2018 blijft gehandhaafd.

(Hoger beroep ongegrond.)