Una-viabeginsel niet geschonden nu vergrijpboete op ander tijdvak ziet dan de strafrechtelijke veroordeling

Una-viabeginsel niet geschonden nu vergrijpboete op ander tijdvak ziet dan de strafrechtelijke veroordeling

Gegevens

Nummer
2026/556
Publicatiedatum
10 april 2026
Auteur
Redactie
ECLI
ECLI:NL:HR:2026:586
Rubriek
Formeel belastingrecht
Relevante informatie

Belanghebbende was bestuurder van A bv. Aan A bv zijn naheffingsaanslagen loonheffingen 2011-2013 opgelegd, alsmede beschikkingen heffingsrente en een vergrijpboete 2013. Omdat deze onbetaald zijn gebleven, is belanghebbende als bestuurder aansprakelijk gesteld. De strafrechter heeft belanghebbende veroordeeld voor het feitelijk leiding geven aan het onvolledig of onjuist doen van aangiften loonheffing over de jaren 2011 en 2012. Hof Arnhem-Leeuwarden (18 maart 2025, ECLI:NL:GHARL:2025:1602) heeft geoordeeld dat het una-viabeginsel (art. 5:44 Awb) wordt geschonden door belanghebbende aansprakelijk te stellen voor de vergrijpboete. De Hoge Raad vernietigt deze beslissing. Aangezien de strafrechtelijke veroordeling van belanghebbende ziet op andere aangiftetijdvakken dan waarop de vergrijpboete ziet waarvoor belanghebbende aansprakelijk is gesteld, gaat het om sancties voor verschillende gedragingen. Van schending van het una-viabeginsel kan daarom geen sprake zijn.