JBN 1999/75 - Het opmaken en inschrijven van een verklaring van verjaring
Aflevering 10, gepubliceerd op 01-10-1999 geschreven door W.M. KleynTer aanvulling op de bijdrage van Louwman in JBN 1999, nr 74 besteedt de auteur aandacht aan de positie van de notaris bij de inschrijving van een verklaring van verjaring. De wenselijkheid van het inschrijven van een verklaring van verjaring wordt belicht vanuit de opdrachtgever, de rechtszekerheid en de notaris. De verklaring van artikel 37 lid 1 sub c Kadasterwet heeft de voorkeur omdat deze slechts leidt tot een voorlopige inschrijving in register 4D. Bij de mogelijkheid om degene tegen wie de verjaring zou werken te benaderen speelt volgens de auteur het ambtsgeheim een rol. Het aspect van beroepsaansprakelijkheid wordt besproken. Ten slotte wijst de auteur op het risico dat degene tegen wie de verjaring zou werken door toedoen van de notaris het instrument van stuiting hanteert.