JBN 2008/22 - De notaris, zijn beroepsgeheim en het strafrecht; de beschikkingen van 30 oktober 2007
Aflevering 4, gepubliceerd op 01-04-2008 geschreven door G.J.C. LekkerkerkerHet beroepsgeheim van de notaris, en dat van andere professionele geheimhouders, vormt een actueel en controversieel onderwerp. Daarmee is niets te veel gezegd. Het laatste preadvies van de KNB, met de suggestieve titel Meer spreken, minder zwijgen?, geeft een brede beschrijving van de reikwijdte van het ambtsgeheim vanuit een tucht- en civielrechtelijk perspectief en stelt een aantal grenzen ter discussie. Ook de relatie tussen beroepsgeheim en fiscus en die tussen beroepsgeheim en opsporing komt, in hoofdzaak in opiniërende zin, aan de orde. Over dit laatste - waarheidsvinding in het kader van een strafrechtelijk onderzoek versus het beroepsgeheim van de notaris - schreef (preadviseur) P.C. van Es een beschouwing in het decembernummer van dit blad; JBN december 2007/64. Toen de Hoge Raad zijn beschikkingen wees van 30 oktober 2007 over dit onderwerp, had hij zijn bijdrage reeds afgerond. Hij moest zich tot een enkele opmerking in een naschrift beperken. Reden om aan die beschikkingen thans aandacht te geven.