NTFR Beschouwingen 2019/11 - Vrijwillige verbetering, inkeerregeling en art. 7 EVRM
Aflevering 3, gepubliceerd op 28-03-2019 geschreven door mr. J.H. AsbreukOp grond van art. 7 EVRM mag ‘geen zwaardere straf worden opgelegd dan die, die ten tijde van het begaan van het strafbare feit van toepassing was’. In de procedure die heeft geleid tot de uitspraak van de Hoge Raad van 2 november 2018 stond ter discussie of de wijziging van de inkeerregeling (art. 67n AWR) in 2009 met art. 7 EVRM in strijd zou zijn. Die wijziging betekende dat bij een vrijwillige verbetering een boete verschuldigd werd ook als voor jaren van voor de wetswijziging werd verbeterd; voor de wetswijziging werd bij een vrijwillige verbetering in het geheel geen boete opgelegd. In de onderhavige beschouwing staat deze problematiek centraal.