JBN 2002/30 - Einde alimentatie als gevolg van samenleven met ander als waren zij gehuwd
Aflevering 4, gepubliceerd op 01-04-2002 geschreven door J.I. Driessen-KleijnEen alimentatieplichtige heeft er belang bij om in de gaten te houden of zijn ex-vrouw een nieuwe relatie aangaat en gaat samenleven met een ander als waren zij gehuwd. Bij een nieuwe relatie eindigt zijn alimentatieplicht. Gedurende een periode van 4 maanden heeft een gehuwde man met zijn zoon bij de vrouw ingewoond aangezien hij in die periode niet over woonruimte beschikte omdat hij zijn vorige woning diende te ontruimen en hij zijn nieuwe woning nog niet ter beschikking had. Vraag is of hier sprake is van samenleven met een ander als waren zij gehuwd zoals bedoeld in artikel 1:160 BW. Hiervoor is vereist 'dat tussen samenwonenden een affectieve relatie bestaat van duurzame aard die meebrengt dat de gescheiden echtgenoot en die ander elkaar wederzijds verzorgen, met elkaar samenwonen en een gemeenschappelijke huishouding voeren'. Nu de samenleving bedoeld was om de periode te overbruggen waarin de andere man geen woonruimte had, is er geen sprake van een relatie van duurzame aard. Mede ook omdat het huwelijk als bedoeld in artikel 1:160 BW een instelling is die uitdrukkelijk niet voor een vooraf bepaalde tijdsduur is bedoeld. Volgens de vrouw kan er ook geen sprake zijn van samenleven als waren zij gehuwd omdat de andere man ten tijde van het samenleven gehuwd was. De samenleving moet voor toepassing van het artikel vergelijkbaar zijn met het huwelijk. Nu de man nog gehuwd is, kan het artikel niet worden toegepast.