NTFR Beschouwingen 2008/35 - Orange European Smallcap Fund NV
Aflevering 7, gepubliceerd op 02-07-2008 geschreven door prof.dr. O.C.R. MarresFiscale beleggingsinstellingen (fbi’s) in de zin van art. 28 Wet VPB 1969 zijn onderworpen aan een nultarief en worden dus feitelijk niet belast met vennootschapsbelasting. Desondanks gold tot 1 januari 2008 een tegemoetkoming ter voorkoming van dubbele belasting, op grond waarvan een fbi onder bepaalde voorwaarden buitenlandse bronheffing kon verrekenen. Die tegemoetkoming werd echter slechts verleend voor zover de fbi in Nederland wonende of gevestigde en onderworpen aandeelhouders Dat wil zeggen in Nederland wonende natuurlijke personen of in Nederland gevestigde aan de vennootschapsbelasting onderworpen lichamen, andere dan fbi’s. In dit artikel begrijp ik onder aandeelhouders ook de houders van bewijzen van deelgerechtigdheid. had (aandeelhouderstoets), en was bovendien beperkt tot het bedrag dat een aandeelhouder in geval van directe belegging had kunnen verrekenen op grond van de BRK of een verdrag (verdragstoets). Aan het Hof van Justitie EG werd in het arrest Orange European Smallcap Fund NV (‘OESF’) de vraag voorgelegd of deze toetsen in strijd kwamen met de vrijheid van kapitaalverkeer. Zie HR 14 april 2006, nr. 40.037, NTFR 2006/577 met commentaar van Douma. Het bestreden oordeel was van Hof Amsterdam, 4 juni 2003, nr. 00/1652, NTFR 2003/1262 met commentaar van Romijn. Volgens het Hof van Justitie EG is de aandeelhouderstoets inderdaad in strijd met de vrijheid van kapitaalverkeer, maar de verdragstoets niet.