NTFR Beschouwingen 2009/27 - Cacaobonenarrest: stellig onbedoelde gevolgen
Aflevering 7, gepubliceerd op 03-07-2009 Met het arrest van 10 april 2009, het Cacaobonenarrest HR 10 april 2009, nr. 42.916, NTFR 2009/821 met commentaar van Ligthart., heeft de Hoge Raad meer duidelijkheid gegeven over het antwoord op de vraag onder welke omstandigheden ondernemers tot gezamenlijke waardering moeten overgaan. In grote lijnen komt het arrest hierop neer dat een ondernemer activa, passiva en derivaten Hoewel het in deze casus gaat over de gezamenlijke waardering van voorraden en derivaten, ga ik ervan uit dat de uitkomst van het arrest – net als die van het hedge-arrest (vorderingen en schulden) en die van het optiearrest (aandelenbeleggingen en opties) – betekenis heeft voor de gezamenlijke waardering van alle activa, passiva en derivaten. gezamenlijk moet waarderen, indien aan twee voorwaarden is voldaan. Ten eerste moet het prijsrisico in deze posten samenhang vertonen. Ten tweede moet het prijsrisico dat aan deze posten is verbonden door de samenhang in hoge mate beperkt zijn. Aan de tweede voorwaarde is voldaan indien het door een prijswijziging veroorzaakte verlies van € 100 op de ene post naar de op balansdatum heersende verwachting hoogstwaarschijnlijk zal worden gecompenseerd door een winst op de daartegenover staande post die varieert tussen de € 80 en de € 125. Of die compensatie meer dan waarschijnlijk is, zal mede kunnen worden vastgesteld aan de hand van het waardeverloop van de posten in het verleden.