NTFR Beschouwingen 2011/7 - Caribisch Nederland: Internationale fiscale aspecten (deel 1*) (**)
Aflevering 2, gepubliceerd op 24-02-2011 geschreven door prof.dr. P. KavelaarsSinds 10 oktober 2010 zijn de staatkundige verhoudingen binnen het Koninkrijk fundamenteel gewijzigd. De Nederlandse Antillen zijn opgehouden te bestaan; Curacao en St. Maarten zijn landen binnen het Koninkrijk geworden, evenals dat sinds 1986 al het geval is met Aruba (status aparte). De andere drie eilanden, Bonaire, St. Eustatius en Saba (de BES of Caribisch Nederland) zijn onderdeel geworden van Nederland en hebben daarbij de status van openbaar lichaam in de zin van art. 134 Grondwet gekregen; de Nederlandse Antillen hebben daarmee opgehouden te bestaan. De BES worden ook wel aangeduid als bijzondere gemeenten. Met deze staatkundige wijzigingen is ook het fiscale stelsel op de BES grondig gewijzigd. Het Antilliaanse stelsel is voor het grootste deel vervallen en er is een nieuw stelsel voor in de plaats gekomen dat verschilt van het stelsel zoals dat binnen het deel van Nederland in Europa geldt. Op de BES bestaan twee fiscale stelsels, te weten de gemeentelijke belastingen waarover elk van de BES-eilanden zelf ‘beschikkingsbevoegd’ is; de grenzen daarvan zijn vastgelegd in de Wet FinBES Wet van 17 mei 2010, Stb. 2010, 365. waarin is bepaald welke lokale heffingen mogen worden geheven. Aan deze lokale belastingen besteed ik geen aandacht. Daarnaast is een stelsel van rijksbelastingen ingevoerd, bestaande uit de loonbelasting, de inkomstenbelasting, de vastgoedbelasting, de opbrengstbelasting, de algemene bestedingsbelasting, de overdrachtsbelasting, de kansspelbelasting, alsmede douaneheffingen en accijnzen. De loon- en inkomstenbelasting zijn min of meer gekopieerd uit het Antilliaanse stelsel en zijn opgenomen in de Wet LB BES en de Wet IB BES (Beschikkingen van 21 december 2010, Stb. 2010, 851 en 852) die op een later tijdstip worden gewijzigd en worden opgenomen in de Belastingwet BES (Wet van 16 december 2010, Stb. 2010, 845) waar alle overige belastingen in zijn opgenomen, inclusief het formele belastingrecht. Alleen de douane en accijnzen zijn afzonderlijk geregeld, te weten in de Douane- en Accijnswet BES (Wet van 16 december 2010, Stb. 2010, 846). Daarnaast zijn er nog enkele andere wetten van belang maar die laat ik hier verder onbesproken; het gaat daarbij vooral om invoerings- en overgangsrecht. Er ontbreken een winstbelasting en een belasting ter zake van schenkingen en verervingen.