Home

Regeling tarieven transportsectoren

Geldig van 1 juli 2023 tot 1 januari 2024
Geldig van 1 juli 2023 tot 1 januari 2024

Regeling tarieven transportsectoren

Opschrift

[Tekst geldig vanaf 01-07-2023 tot 01-01-2024]

Aanhef

De Minister van Infrastructuur en Waterstaat,

Gelet op de artikelen 1.7, tweede lid, 5.5, vijfde lid, 6.55, zesde lid, 6.58, zesde lid, 8.12, vijfde lid, 8a.1, vijfde lid, 8a.4, vierde lid, 10.11, eerste lid, onderdeel b, en 11.2a, derde lid, van de Wet luchtvaart, artikel 34 van de Wet bestrijding maritieme ongevallen, artikel 72, eerste lid, van de Schepenwet, artikel 51, tweede lid, van de Binnenvaartwet, artikel 529j van Boek 8 van het Burgerlijk Wetboek, de artikelen 4, tweede lid, 17, eerste lid, en 21, eerste lid, van de Meetbrievenwet 1981, artikel 311a, derde lid, van het Wetboek van Koophandel, artikel 14, derde lid, van de Wet havenstaatcontrole, artikel 23, tweede lid, van de Wet laden en lossen zeeschepen, de artikelen 2, derde lid, en 10 van de Wet nationaliteit zeeschepen in rompbevrachting, artikel 40, tweede lid, van de Wet voorkoming verontreiniging door schepen, artikel 41 van de Wet voorkoming van verontreiniging door schepen BES, de artikelen 6, derde lid, en 6a, derde lid, van de Zeebrievenwet, artikel 62, onderdelen a, b, c, d, f en i, van de Wet zeevarenden, artikel 91 van de Spoorwegwet, artikel 42, negende lid, van de Wet lokaal spoor, artikel 49, tweede lid, van de Wet vervoer gevaarlijke stoffen, de artikelen 6, tweede lid, en 26, tweede lid, van de Wet kabelbaaninstallaties, artikel 12:2, tweede lid, van de Arbeidstijdenwet, artikel 4b, tweede lid, onderdeel b, van de Wegenverkeerswet 1994, de artikelen 8, vierde lid, 13, tweede lid, 20, derde lid, 30, derde lid, 36a en 36b van het Besluit bewijzen van bevoegdheid voor de luchtvaart, artikel 22, tweede en derde lid, van het Besluit luchtvaartuigen 2008, artikel 5 van het Besluit vluchtuitvoering, artikel 2, tweede lid, van het Besluit tariefstelling certificaat verplichte verzekering of andere financiële zekerheid voor zeeschepen, de artikelen 12, tweede lid, 17, tweede lid, 28, vierde lid, 29, tweede lid, en 125 van het Besluit personenvervoer 2000, artikel 2 van het Besluit vervoer gevaarlijke stoffen, artikel 12 van het Besluit lokaal spoor, de artikelen 2.4:1, zesde lid, 2.4:12 en 2.4:13, eerste lid, van het Arbeidstijdenbesluit vervoer, de artikelen 159, eerste lid, en 160, tweede lid, van de Regeling toezicht luchtvaart, artikel 37, derde lid, van de Maatregel teboekgestelde schepen 1992 en artikel 15.05 van het Rijnvaartpolitiereglement 1995;

BESLUIT:

Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

Artikel 1.1. Begripsbepalingen

1.

In dit besluit wordt verstaan onder:

  • de Minister: de Minister van Infrastructuur en Waterstaat;

  • verstrekker: het bestuursorgaan dat de aanvraag in behandeling neemt en het daarvoor verschuldigde tarief in rekening brengt;

  • werkzaamheden en dienstverleningen: alle feitelijke handelingen en rechtshandelingen van een verstrekker voor de behandeling van de aanvraag.

2.

In hoofdstuk 2 wordt verstaan onder:

  • AeMC: luchtvaartgeneeskundig centrum als bedoeld in bijlage VII bij verordening (EU) nr. 1178/2011 en bijlage III bij verordening (EU) nr. 2015/340 (Aero-medical centre);

  • AME: luchtvaart medische keuringsarts als bedoeld in bijlage IV bij verordening (EU) nr. 1178/2011 en bijlage IV bij verordening (EU) nr. 2015/340 (Aero-medical examiner);

  • ATO: erkende opleidingsorganisatie als bedoeld in bijlage I bij verordening (EU) nr. 1178/2011 (Approved Training Organisation);

  • verordening (EU) nr. 965/2012: verordening van de Commissie van 5 oktober 2012 tot vaststelling van technische eisen en administratieve procedures voor vluchtuitvoering, overeenkomstig Verordening (EG) nr. 216/2008 van het Europees parlement en de Raad (PbEU 2012, L 296);

  • verordening (EU) nr. 139/2014: verordening van de Commissie van 12 februari 2014 tot vaststelling van eisen en administratieve procedures met betrekking tot luchtvaartterreinen, overeenkomstig Verordening (EG) nr. 216/2008 van het Europees parlement en de Raad (PbEU 2014, L 44);

  • verordening (EU) 2018/395: verordening (EU) 2018/395 van de Commissie van 13 maart 2018 tot vaststelling van gedetailleerde regels voor vluchtuitvoeringen met ballonnen (PbEU 2018, L 71);

  • uitvoeringsverordening (EU) 2018/1876: uitvoeringsverordening (EU) 2018/1976 van de Commissie van 14 december 2018 tot vaststelling van gedetailleerde regels voor vluchtuitvoeringen met zweefvliegtuigen (PbEU 2018, L 326);

  • verordening (EU) nr. 2019/947: uitvoeringsverordening (EU) 2019/947 van de Commissie van 24 mei 2019 inzake de regels en procedures voor de exploitatie van onbemande luchtvaartuigen (PbEU 2019, L 152);

  • gedelegeerde verordening (EU) 2020/723: gedelegeerde verordening (EU) 2020/723 van de Commissie van 4 maart 2020 tot vaststelling van gedetailleerde regels met betrekking tot de erkenning van pilootcertificaten van derde landen en tot wijziging van Verordening (EU) nr. 1178/2011(PbEU 2020, L 170).

3.

In hoofdstuk 3, afdeling 3.1, paragraaf 3.1.1, wordt verstaan onder:

  • controlemeting: werkzaamheden ten behoeve van de verlenging van de geldigheidsduur van een meetbrief voor een schip dat na de afgifte van de meetbrief geen verbouwing heeft ondergaan die van invloed is geweest op de ledige diepgang van het schip;

  • hermeting: werkzaamheden ten behoeve van de afgifte van een meetbrief voor een schip dat een verbouwing heeft ondergaan die van invloed is geweest op de ledige diepgang van het schip, en waarvoor eerder een Nederlandse meetbrief is afgegeven;

  • meetbrief: meetbrief als bedoeld in artikel 4.1 van de Binnenvaartregeling;

  • meting: werkzaamheden ten behoeve van de afgifte van een meetbrief voor een schip, waarvoor niet eerder een Nederlandse meetbrief is afgegeven;

  • ponton: blokvormig schip zonder mogelijkheid om benedendeks lading te vervoeren.

4.

In hoofdstuk 3, afdeling 3.1, paragraaf 3.1.2, wordt verstaan onder:

5.

Op hoofdstuk 3, afdeling 3.1, paragraaf 3.2.1, zijn de begripsbepalingen van artikel 1 van de Meetbrievenwet 1981 en artikel 1 van de Regeling metingsvoorschriften van toepassing en voorts wordt in deze paragraaf verstaan onder:

  • hermeting: werkzaamheden ten behoeve van de afgifte van:

    1. 1°.

      een Internationale Meetbrief (1969) voor een schip, waarvoor reeds eerder een Internationale Meetbrief (1969), bijzondere meetbrief of een meetbrief als bedoeld in het Verdrag van Oslo 1947, is afgegeven;

    2. 2°.

      een bijzondere meetbrief voor een schip, waarvoor reeds eerder een Internationale Meetbrief (1969), bijzondere meetbrief of een meetbrief als bedoeld in het Verdrag van Oslo 1947, is afgegeven;

  • meting: werkzaamheden ten behoeve van de afgifte van:

    1. 1°.

      een Internationale Meetbrief (1969);

    2. 2°.

      een bijzondere meetbrief voor een schip, waarvoor niet eerder een Internationale Meetbrief (1969) of bijzondere meetbrief is afgegeven;

  • zusterschepen: schepen die volgens dezelfde bouwtekening zijn gebouwd.

6.

In hoofdstuk 3, afdeling 3.2, paragraaf 3.2.3, wordt verstaan onder:

  • Ballastwaterverdrag: het op 13 februari 2004 te Londen tot stand gekomen Internationaal Verdrag voor de controle en het beheer van ballastwater en sedimenten van schepen (Trb. 2005, 44);

  • certificaat: Internationaal certificaat van voorkoming van verontreiniging door olie, als bedoeld in voorschrift 7 van bijlage I van het MARPOL-verdrag;

  • MARPOL-verdrag: het op 2 november 1973 te Londen tot stand gekomen Internationaal Verdrag ter voorkoming van verontreiniging door schepen, met Protocollen en Bijlagen met Aanhangsels (Trb. 1978, 188);

  • verklaring: de verklaring, bedoeld in artikel 15, tweede lid, van het Besluit voorkoming verontreiniging door schepen.

7.

In hoofdstuk 3, afdeling 3.2, paragraaf 3.2.5, wordt verstaan onder geneeskundige verklaring: schriftelijke verklaring van een door de Minister aangewezen geneeskundige of medisch specialist waaruit blijkt dat een bemanningslid voldoet aan de medische eisen, bedoeld in artikel 106, eerste lid, van het Besluit zeevarenden.

8.

In hoofdstuk 3, afdeling 3.4 tot en met afdeling 3.6, wordt verstaan onder:

  • onderzoek eerste afgifte certificaat: onderzoek verricht voor de eerste afgifte van certificaten, volgens het geharmoniseerde systeem van onderzoek en certificering;

  • onderzoek hernieuwing certificaat: onderzoek verricht voor de hernieuwde afgifte van certificaten, volgens het geharmoniseerde systeem van onderzoek en certificering;

  • onderzoek overname met langlopende certificaten: onderzoek verricht voor de afgifte van certificaten voor geklasseerde schepen die zijn voorzien van certificaten met de maximaal toelaatbare geldigheidsduur van de vorige vlaggenstaat en die overgaan naar de Nederlandse vlag;

  • onderzoek overname zonder langlopende certificaten: onderzoek verricht voor de afgifte van certificaten voor geklasseerde schepen die niet voorzien zijn van certificaten met de maximaal toelaatbare geldigheidsduur van de vorige vlaggenstaat en die overgaan naar de Nederlandse vlag.

9.

In hoofdstuk 3, afdeling 3.5, wordt verstaan onder:

10.

In hoofdstuk 4 wordt verstaan onder:

  • ERATV: Europees register van goedgekeurde voertuigen als bedoeld in artikel 34 van Richtlijn 2008/57/EG van het Europees parlement en de Raad van 17 juni 2008 betreffende de interoperabiliteit van het spoorwegsysteem in de Gemeenschap;

  • uitvoeringsverordening (EU) 2018/545: Uitvoeringsverordening (EU) 2018/545 van de Commissie van 4 april 2018 tot vaststelling van praktische regelingen voor het proces voor de afgifte van typegoedkeuringen en vergunningen voor spoorvoertuigen overeenkomstig Richtlijn (EU) 2016/797 van het Europees parlement en de Raad (PbEU 2018, L 90/66);

  • uitvoeringsverordening (EU) 2018/763: Uitvoeringsverordening (EU) 2018/763 van de Commissie van 9 april 2018 tot vaststelling van praktische regelingen voor de afgifte van unieke veiligheidscertificaten aan spoorwegondernemingen overeenkomstig Richtlijn (EU) 2016/798 van het Europees parlement en de Raad, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 653/2007 van de Commissie (PbEU 2018, L 129/49);

  • uitvoeringsverordening (EU) 2019/779: Uitvoeringsverordening (EU) 2019/779 van de Commissie van 16 mei 2019 tot vaststelling van nadere bepalingen inzake een systeem voor de certificering van met het onderhoud van voertuigen belaste entiteiten overeenkomstig Richtlijn (EU) 2016/798 van het Europees parlement en de Raad en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 445/2011 van de Commissie (PbEU 2019, L 139 I/360).

11.

In hoofdstuk 5 wordt verstaan onder verordening (EG) 765/2008: Verordening (EG) 765/2008 van het Europees parlement en de Raad van 9 juli 2008 tot vaststelling van de eisen inzake accreditatie en markttoezicht betreffende het verhandelen van producten en tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 339/93 (PbEU 2008, L 218).

12.

In hoofdstuk 6 wordt verstaan onder het CBR: het bureau, bedoeld in artikel 4z van de Wegenverkeerswet 1994.

Artikel 1.2. Vaststelling tarieven Inspectie Leefomgeving en Transport

1.

De in hoofdstuk 2 tot en met 5 vermelde tarieven zijn verschuldigd aan de Inspectie Leefomgeving en Transport.

2.

Buitenlandse reis- en verblijfkosten die verband houden met de in deze regeling genoemde handelingen of werkzaamheden, worden tegen de werkelijke kosten in rekening gebracht en zijn separaat verschuldigd naast de in deze regeling genoemde tarieven. Daarbij is voor eventuele wachttijd tijdens het verblijf buiten Nederland een aanvullend tarief verschuldigd van € 160 per manuur. Binnenlandse reis- en verblijfkosten worden niet separaat in rekening gebracht.

3.

De in het tweede lid genoemde buitenlandse reis- en verblijfkosten, als ook de kosten van eventuele wachttijd, worden voorafgaand aan het in behandeling nemen van een aanvraag begroot en aan de aanvrager medegedeeld. De in rekening gebrachte kosten mogen het begrote bedrag niet overstijgen.

4.

Als de in deze regeling genoemde handelingen of werkzaamheden ter plaatse zijn uitgevoerd en de kosten van de uitvoering op uurbasis in rekening worden gebracht, worden de reistijden die met die handelingen of werkzaamheden verband houden, in rekening gebracht volgens de daarbij behorende tarieven.

Artikel 1.3. Vaststelling tarieven andere verstrekkers

Artikel 1.4. Voldoening tarieven

Artikel 1.5. Vergoeding historische luchtvaartuigen, spoorvoertuigen en vaartuigen

Hoofdstuk 2. Sector luchtvaart

Afdeling 2.1. Bewijzen van bevoegdheid en bevoegdverklaringen

§ 2.1.1. Luchtvarenden

Artikel 2.1
Artikel 2.2
Artikel 2.3
Artikel 2.4

§ 2.1.2. Onderhoudstechnici

Artikel 2.5
Artikel 2.6

Afdeling 2.2. Opleidings- en trainingsinstellingen

§ 2.2.1. Luchtvarenden

Artikel 2.7

§ 2.2.2. Onderhoudstechnici

Artikel 2.8

Afdeling 2.3. Luchtvaartuigen

Artikel 2.9

Artikel 2.10

Artikel 2.11

Artikel 2.12

Artikel 2.13

Afdeling 2.4. Vluchtuitvoering

Artikel 2.14

Artikel 2.15

Artikel 2.16

Artikel 2.17

Artikel 2.18

Afdeling 2.5. Luchthavens

Artikel 2.19

Artikel 2.20

Afdeling 2.6. Diverse tarieven

Artikel 2.21

Artikel 2.22

Artikel 2.23

Artikel 2.24

Hoofdstuk 3. Sector scheepvaart

Afdeling 3.1. Tarieven binnenvaart

§ 3.1.1. Tarieven meting binnenvaartuigen

Artikel 3.1
Artikel 3.2
Artikel 3.3
Artikel 3.4

§ 3.1.2. Tarieven onderzoek binnenvaart

Artikel 3.5
Artikel 3.6
Artikel 3.7
Artikel 3.8
Artikel 3.9

§ 3.1.3. Overige tarieven binnenvaart

Artikel 3.10

Afdeling 3.2. Tarieven zeevaart

§ 3.2.1. Tarieven meting zeeschepen

Artikel 3.11
Artikel 3.12
Artikel 3.13
Artikel 3.14
Artikel 3.15
Artikel 3.16
Artikel 3.17
Artikel 3.18

§ 3.2.2. Tarieven inschrijving rompbevrachtingsregister, zeebrief en verklaring nationaliteit

Artikel 3.19
Artikel 3.20
Artikel 3.21
Artikel 3.22
Artikel 3.23

§ 3.2.3. Tarieven voorkoming verontreiniging door schepen

Artikel 3.24
Artikel 3.25
Artikel 3.26
Artikel 3.27
Artikel 3.28
Artikel 3.29
Artikel 3.30
Artikel 3.31
Artikel 3.32
Artikel 3.33
Artikel 3.34

§ 3.2.4. Tarieven erkennen opleidingsinstituten en certificaat Wet aansprakelijkheid olietankschepen

Artikel 3.35
Artikel 3.36

§ 3.2.5. Tarieven geneeskundige verklaringen en ontheffingen zeevaart

Artikel 3.37
Artikel 3.38

Afdeling 3.3. Overige tarieven

Artikel 3.39

Artikel 3.40

Artikel 3.41

Artikel 3.42

Artikel 3.43

Artikel 3.44

Artikel 3.45

Artikel 3.46

Artikel 3.47

Afdeling 3.4. Tarieven koopvaardij

Artikel 3.48

Artikel 3.49

Artikel 3.50

Artikel 3.51

Artikel 3.52

Artikel 3.53

Artikel 3.54

Artikel 3.55

Artikel 3.56

Afdeling 3.5. Tarieven vissersvaartuigen

Artikel 3.57

Artikel 3.58

Afdeling 3.6. Overige bepalingen

Artikel 3.59

Artikel 3.60

Artikel 3.61

Artikel 3.62

Artikel 3.63

Hoofdstuk 4. Sector railvervoer

Afdeling 4.1. Tarieven op basis van de Spoorwegwet

Artikel 4.1

Artikel 4.2

Artikel 4.3

Artikel 4.4

Artikel 4.5

Artikel 4.6

Artikel 4.7

Artikel 4.8

Artikel 4.9

Artikel 4.10

Artikel 4.11

Artikel 4.12

Artikel 4.13

Artikel 4.14

Artikel 4.15

Artikel 4.16

Artikel 4.17

Artikel 4.18

Artikel 4.19

Artikel 4.20

Artikel 4.21

Artikel 4.22

Afdeling 4.2. Tarieven op basis van de Wet lokaal spoor

Artikel 4.23

Artikel 4.24

Hoofdstuk 5. Sector wegvervoer

Afdeling 5.1. Wet kabelbaaninstallaties

Artikel 5.1

Artikel 5.2

Afdeling 5.2. Vervoer gevaarlijke stoffen

Artikel 5.3

Artikel 5.4

Afdeling 5.3. Autorisatie classificatiecode vuurwerk

Artikel 5.5

Hoofdstuk 6. Andere verstrekkers dan de Inspectie Leefomgeving en Transport

Afdeling 6.1. Kiwa Register B.V.

§ 6.1.1. Wegvervoer

Artikel 6.1
Artikel 6.2
Artikel 6.3
Artikel 6.4
Artikel 6.5
Artikel 6.6
Artikel 6.7

§ 6.1.2. Luchtvaart

Artikel 6.8
Artikel 6.9
Artikel 6.10
Artikel 6.11

§ 6.1.3. Scheepvaart

Artikel 6.11a
Artikel 6.12
Artikel 6.13
Artikel 6.14
Artikel 6.15
Artikel 6.16
Artikel 6.17
Artikel 6.18
Artikel 6.19
Artikel 6.20
Artikel 6.21

Afdeling 6.2. Stichting Veiligheid & Vakmanschap Railvervoer

Artikel 6.22

Afdeling 6.3. Stichting Afvalstoffen en vaardocumenten Binnenvaart

Artikel 6.23

Artikel 6.24

Artikel 6.25

Afdeling 6.4. Stichting Theorie-examens Ballonvaren en Zweefvliegen

Artikel 6.26

Afdeling 6.5. Het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen

§ 6.5.1. Luchtvaart

Artikel 6.27

§ 6.5.2. Scheepvaart

Artikel 6.28
Artikel 6.29
Artikel 6.30
Artikel 6.31
Artikel 6.32
Artikel 6.33
Artikel 6.34
Artikel 6.35
Artikel 6.36
Artikel 6.37
Artikel 6.38
Artikel 6.39
Artikel 6.40
Artikel 6.41
Artikel 6.42
Artikel 6.43
Artikel 6.44
Artikel 6.45
Artikel 6.46
Artikel 6.47
Artikel 6.48
Artikel 6.49
Artikel 6.50
Artikel 6.51
Artikel 6.52
Artikel 6.53
Artikel 6.54
Artikel 6.55

Afdeling 6.6. Keuringsartsen scheepvaart

Artikel 6.56

Artikel 6.57

Hoofdstuk 7. Slotbepalingen

Artikel 7.1. Intrekking regelingen

Artikel 7.2. Wijziging Tariefregeling vervoer gevaarlijke stoffen

Artikel 7.3. Wijziging Regeling aanvraag autorisatie classificatiecode vuurwerk

Artikel 7.4. Wijziging Regeling tachograafkaarten

Artikel 7.5. Wijziging Regeling olie-afgifteboekje Rijnvaart 1995

Artikel 7.6. Inwerkingtreding

Artikel 7.7. Citeertitel