NTFR Beschouwingen 2010/44 - Spelregels in appel
Aflevering 12, gepubliceerd op 23-12-2010 geschreven door mr. R. den OudenIn de afgelopen periode heeft de Hoge Raad met betrekking tot het fiscale appelprocesrecht verschillende belangrijke arresten gewezen. In zijn arrest van 13 augustus 2010, nr. 08/03782,NTFR 2010/1974 oordeelde de cassatierechter, kort gezegd, dat een beroep op interne compensatie in hoger beroep is toegestaan. Deze beslissing strookt met de arresten van 4 december 2009, nr. 08/02258, NTFR 2009/2683 en 4 juni 2010, nr. 09/01362, NTFR 2010/1380, waarin de Hoge Raad oordeelde dat het een belanghebbende in beginsel vrijstaat om zich in hoger beroep te verweren met alle gronden. Hiertoe behoren niet alleen gronden die nog niet eerder door de belanghebbende waren aangevoerd bij de rechtbank, maar ook gronden die door de rechtbank zijn verworpen. Hiermee heeft de fiscale cassatierechter afstand genomen van de in (een deel van) het algemene bestuursrecht geldende zogenoemde onzuivere Brummenlijn. Deze lijn houdt in dat gronden waarover de rechtbank uitdrukkelijk en zonder voorbehoud een oordeel heeft gegeven door een partij in hoger beroep niet meer kunnen worden aangevoerd als die partij tegen het desbetreffende oordeel niet zelf hoger beroep heeft ingesteld. In fiscalibus staat de herkansingsfunctie van het hoger beroep voorop. Dat wil echter niet zeggen dat in hoger beroep alles opnieuw aan de orde kan komen. Er zijn grenzen. In deze Beschouwing worden aan de hand van een casus enige spelregels van het hoger beroep in kaart gebracht.