NTFR Beschouwingen 2012/27 - Informatieverstrekking en art. 6 EVRM*
Aflevering 7, gepubliceerd op 26-07-2012 geschreven door mr. J.H. AsbreukDe arresten van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (hierna: EHRM) over het zwijgrecht en het nemo tenetur-beginsel, Funke v. Frankrijk, Saunders v. UK en J.B. v. Zwitserland EHRM 25 februari 1993, Funke BNB 1993/350, EHRM 17 december 1996, Saunders, BNB1997/254, EHRM 3 mei 2001, J.B., BNB 2002/26, EHRM 4oktober 2005, zie ook Shannon v. UK , EHRM 4 oktober 2005, no. 6563/03, Jalloh v. Duitsland, NJ 2007/226 en EHRM 29 juni 2007, O’Halloran and Francis v. UK, NJ 2008/25. hebben vragen opgeroepen over de verhouding tussen art. 6 EVRM en de verplichting om informatie te verstrekken ten behoeve van de belastingheffing in de situatie dat de informatie ook gebruikt kan worden voor het opleggen van een boete, dan wel voor een strafrechtelijke vervolging. Zie onder meer de noot van M.W.C. Feteris bij HR 27 juni 2001, BNB 2002/27c, conclusie van A-G Wattel bij HR 22 maart 2008, NTFR 2008/614, G.P. Hamer, N.W.A. Dekens, ‘Enige beschouwingen over het nemo tenetur beginsel in het fiscale recht’, TFB 2006,02, J.H. Asbreuk, ‘Toets artikel 47 AWR aan artikel 6 EVRM’, NTFR-B 2008/30. Er was behoefte aan nadere uitleg, die het EHRM heeft gegeven in de arresten Marttinen en Chambaz. In de zaak Chambaz wordt specifiek ingegaan op de vraag hoe art. 6 EVRM zich verhoudt tot een verplichting om informatie te verstrekken ten behoeve van de belastingheffing, indien niet is uit te sluiten dat de informatie verstrekt ten behoeve van de belastingheffing, mogelijk (later) wordt gebruikt in een boete- of strafprocedure. Hierna zal ik eerst de stand van zaken weergeven, inclusief de oordelen van de Hoge Raad. Daarna ga ik in op de verhouding tussen art. 6 EVRM en belastingheffing en vervolgens zal ik de arresten Marttinen en Chambaz Het arrest is van de ‘cinquième section’. Het arrest van deze ‘Chamber’ van het EHRM is nog niet definitief. De zaak kan nog worden voorgelegd aan de ‘Grand Chamber’. De beslissing is niet unaniem, van de zeven rechters hebben twee rechters ‘dissenting opinions’. bespreken.