NTFR Beschouwingen 2013/17 - ‘To whom it may concern’: de zakelijkheid van een concernfinanciering
Aflevering 5, gepubliceerd op 30-05-2013 geschreven door drs. N.M. LigthartIn mijn bijdrage in NTFR-B 2012/6N.M. Ligthart, ‘De onzakelijke lening in de tbs-sfeer: wetgever grijp in!’, NTFR-B 2012/6. gaf ik aan dat de door de Hoge Raad geformuleerde criteria voor een onzakelijke lening naar mijn mening weinig houvast bieden voor de beoordeling of sprake is van een onzakelijke borgstelling. Tevens merkte ik afsluitend op dat de arresten van 25 november 2011 vragen oproepen die onbeantwoord blijven, met name in de sfeer van de borgstelling en de aansprakelijk- c.q. garantstelling in gelieerde verhoudingen. In het recente ‘concernfinancieringsarrest’HR 1 maart 2013, nr. 11/01985, NTFR 2013/586, met commentaar van Egelie. oordeelt de Hoge Raad over een situatie waarin sprake is van een garantstelling uit hoofde van een kredietarrangement, waaraan diverse concernvennootschappen deelnemen. Eén van de vennootschappen werd door de bank aangesproken uit hoofde van de garantstelling en wenste het betaalde bedrag ten laste van de fiscale winst te brengen. De Hoge Raad stond deze aftrek niet toe.