TFB 2004, afl. 2 - Wetsvoorstel aankoopkosten deelneming: een brug te ver
Aflevering 2, gepubliceerd op 01-03-2004 geschreven door Mr. J.M. van der Vegt en Mr. T.A.D. van WordragenOp 24 december 2003 heeft de staatssecretaris van Financiën, bij wijze van kerstcadeau, het lang verwachteZie de brief van de staatssecretaris van 13 december 2002, V-N 2003/2.21. wetsvoorstel inzake de invoering van een aftrekverbod voor de aankoopkosten van een deelneming openbaar gemaakt (hierna: wetvoorstel aankoopkosten deelneming).Kamerstukken II 2003/04, 29 381. Zie persbericht van de staatssecretaris van 24 december 2003, nr. 2003-282, onder andere gepubliceerd in V-N 2004/3.2. Het wetsvoorstel is onder andere gepubliceerd op http://www.minfin.nl/WDB03-349.doc en in V-N 2004/3. Het omvat eveneens een herziening van de behandeling van de omzetting en kwijtschelding van afgewaardeerde vorderingen. In dit artikel zal uitsluitend worden ingegaan op het voorstel ter zake van de aankoopkosten van een deelneming en dan met name op de terugwerkende kracht die deze regeling in de visie van de staatssecretaris behoort te krijgen. In dit wetsvoorstel wil de staatssecretaris de nadelige gevolgen van het arrest van de Hoge Raad van 24 mei 2002Zie HR 24 mei 2002, BNB 2002/262 met conclusie A-G Groeneveld. terugdraaien. Dit wetsvoorstel nodigt uit tot nadere kritische kanttekeningen van onze kant in aansluiting op de eerder in dit blad gepubliceerde opinie van Barmentlo en Van Wordragen.‘Is ‘geen voordeel weggenomen’ een valide criterium voor terugwerkende kracht of ontneming van een rechtmatig verkregen voordeel?’, TFB 2003/3, p. 2 e.v. We zullen in dit artikel het wetsvoorstel toetsen aan relevante nationale en internationale bepalingen.