Vastgoed Fiscaal & Civiel 2014/53 - Overgang van een algemeenheid van goederen en de herzieningstermijn voor de btw
Aflevering 5, gepubliceerd op 30-10-2014 geschreven door Dijk, mr. A. van en Lange, mr. T.S. deOp 8 augustus heeft de Hoge Raad zich gebogen over de vraag wat de gevolgen zijn van een overdracht van een onderneming in de zin van art. 31 (thans art. 37d) Wet OB 1968 voor een lopende herzieningstermijn. Een fiscale eenheid had op 12 december 2007 een algemeenheid van goederen en diensten, waartoe een gebouw behoorde waarvan de herzieningstermijn nog niet was verstreken overgenomen met toepassing van art. 31 Wet OB 1968 overgenomen. De ter zake van de levering aan de fiscale eenheid in rekening gebrachte omzetbelasting is door de fiscale eenheid volledig in aftrek gebracht. Vanaf 1 januari 2007 werd het gebouw voor een deel voor vrijgestelde doeleinden gebruikt, zodat herziening van de destijds in aftrek gebrachte omzetbelasting aan de orde was. De fiscale eenheid had op haar laatste aangifte van 2007 in verband met de herziening omzetbelasting voldaan, berekend vanaf de datum van de overname van de onderneming. De inspecteur (gevold door de rechtbank en het hof) stelde zich op het standpunt dat de fiscale eenheid ter zake van de herziening omzetbelasting had moeten voldoen, berekend naar het hele jaar 2007. De Hoge Raad is het met deze oordelen eens. Het in de plaats treden ingevolgde art. 31 Wet OB 1968 betreft onder meer belasting die na de overdracht verschuldigd wordt vanwege eventuele btw-herrekening of eventuele btw-herziening. Art. 13, lid 2, Uitvoeringsbeschikking bepaalt dat de herziening met betrekking tot onroerende zaken geschiedt telkens voor een tiende gedeelte van de voorbelasting op basis van de voor het boekjaar geldende gegevens. De herziening moet, aldus deze bepaling, plaatsvinden bij de aangifte over het laatste belastingtijdvak van het boekjaar. Dit betekent dat de wettelijke bepalingen ervan uitgaan dat wegens herziening met betrekking tot een bepaald boekjaar te betalen omzetbelasting in één keer, aan het einde van het boekjaar verschuldigd wordt.